Ga direct naar de inhoud Ga direct naar het hoofdmenu Ga direct naar het zoekveld
 
Elektromagnetische velden geen oorzaak van bijensterfte

Zendmast laat honingbij onberoerd

Elektromagnetische velden van zendmasten voor mobiele telefoons zijn niet de oorzaak van bijensterfte. Dat blijkt uit onderzoek van entomoloog Tjeerd Blacquière. Hij verwacht dat de straling evenmin gevaarlijk is voor mensen. ‘Als we negatieve effecten op de gezondheid van honingbijen hadden gevonden, had ik me ongerust gemaakt.’

In Nederland staan inmiddels ruim 26.000 zendmasten voor mobiele telefonie. Veel mensen vragen zich af of de elektromagnetische straling van deze masten niet gevaarlijk is voor de gezondheid. Om de risico’s van elektromagnetische velden in kaart te brengen, heeft ZonMw een speciaal programma dat onderzoek op dat gebied stimuleert en financiert. Een van de studies die onlangs is afgerond, is van Tjeerd Blacquière. Hij is onderzoeker bij Bijen@wur, een onderdeel van Wageningen UR & Research centre, en hobby-imker.

Niet de mens stond centraal in uw onderzoek maar de honingbij. Waarom?

‘Sinds begin deze eeuw hebben we in Europa en Noord-Amerika te maken met grote bijensterfte. Vroeger overleefde ongeveer 90% van de bijenvolken de winters. Tegenwoordig sterft vaak 20 tot 30%. Omdat de afgelopen 10 jaar de mobiele telefonie gigantisch is toegenomen, vermoeden sommigen dat elektromagnetische straling van zendmasten de oorzaak zou kunnen zijn. Bijen oriënteren zich onder andere via het aardmagnetisch veld. Als dat wordt verstoord, raken ze misschien de weg kwijt.’

U wilde weten of deze hypothese klopt?

‘Het Nationaal Platform Stralingsrisico’s vroeg aan de Wetenschapswinkel in Wageningen om dat verband te onderzoeken. De Wetenschapswinkel schakelde vervolgens mij in. Na literatuuronderzoek merkte ik dat er weinig te vinden is over dit onderwerp. We hebben toen besloten zelf proeven te doen. ZonMw was bereid een groot deel van de benodigde 80.000 euro te subsidiëren.’

Hoe heeft u het onderzoek opgezet?

‘Op 200 meter van onze bijenstand staat toevallig een zendmast. Een mooie gelegenheid om een veldproef te doen. We hebben twee kooien gebouwd. Een daarvan was een kooi van Faraday. Deze bestaat uit fijnmetalen gaas met speciale vliegopeningen zodat er geen elektromagnetische straling kan binnendringen. Bij de andere kooi, gemaakt van plastic gaas, kwam die straling wel gewoon binnen. In iedere kooi zaten 10 bijenvolken. Die hebben we in de tijd gevolgd.’

Waar keken jullie naar?

‘Een koningin legt zo’n 1000 eitjes in een raat. We wilden weten hoeveel larven uit die eitjes komen, hoeveel van die larven zich verpoppen en welk percentage daarvan uiteindelijk als jonge bij uitvliegt. Die ontwikkeling duurt in totaal 4 weken. De centrale vraag was hoe groot de uitval was en of er verschillen waren tussen de bijenvolken in de Faradaykooi en die in de plastic kooi.’

Zagen jullie negatieve effecten van de straling?

‘We hebben iedere week de raten gefotografeerd. We zagen geen enkel verschil. Wel was er veel uitval bij alle volken, maar dit kwam door het slechte weer in augustus van 2011, waardoor er een beperkt aanbod nectar en stuifmeel was. Om als volk toch te kunnen overleven, eten de werksters in zo’n schaarsteperiode de larfjes op, met als gevolg een beperkt nageslacht. Ongeveer driekwart ging zo verloren.’

‘Bestraald of onbestraald, de bijen deden het even goed’

Jullie hebben ook gekeken of straling tijdens de ontwikkelingsperiode van ei tot bij invloed heeft op het gedrag na het uitvliegen. Wat viel op?

‘In totaal hebben we 100 bijen op de dag van hun geboorte voorzien van een gekleurde stip op hun rugschildje. Per volk een eigen kleur. Deze jonge bijen werden overgezet in gastbijenvolken, waar ze zonder problemen worden geaccepteerd. Gedurende 5 maanden hebben we raat voor raat de gekleurde bijtjes opgezocht en geteld. Ook nu zagen we geen verschil. Bestraald of onbestraald, de bijen deden het even goed in de gastvolken. Verder hebben we collega-bijenonderzoekers in het Oostenrijkse Graz een serie van onze bestraalde en onbestraalde bijen laten testen op hun vliegvermogen. Dat centrum heeft een draaimolen ontwikkeld met een metalen armpje waarop ze een bij met Pattex kunnen vastplakken. De bij merkt daar niets van. Door zo’n beestje een bepaalde hoeveelheid suiker te geven, gaat het vliegen en kun je het aantal omwentelingen turven. Wederom presteerden de 2 groepen bijen even goed.’

Mag je uit dit onderzoek concluderen dat de bijensterfte niet wordt veroorzaakt door elektromagnetische straling?

‘Ja, daar ben ik vrijwel zeker van. Ik denk dat de bijensterfte door meerdere factoren wordt beïnvloed die elkaar ook nog kunnen versterken. De belangrijkste is de Varroamijt die op de bij parasiteert.’

Kunnen we de resultaten van uw bijenonderzoek vertalen naar de mens?

‘Bijen en mensen staan genetisch natuurlijk ver van elkaar. Maar op cellulair niveau kun je wel uitspraken doen. Als we negatieve effecten hadden gevonden op de ontwikkeling van de bijen, dan had ik me ongerust gemaakt over de effecten van elektromagnetische straling op de mens. Het gaat om laagenergetische straling waarbij geen warmte vrijkomt. Ik verwacht niet dat die gevaarlijk is voor ons.’

Tekst: John Ekkelboom
Foto: Corbis