Oudere hartpatiënten lopen na een acute ziekenhuisopname een relatief groot risico op nieuwe complicaties. Het lijkt dus logisch hen intensiever te begeleiden na hun ontslag uit het ziekenhuis. Toch is dat niet effectief, ontdekten Amsterdamse onderzoekers. Het blijkt vooral zaak de juiste categorie patiënten in het vizier te krijgen.

Hoe kun je voorkomen dat oudere, kwetsbare hartpatiënten kort na ontslag uit het ziekenhuis weer worden opgenomen of vroegtijdig overlijden? ‘Bij 70-plussers met hartfalen is de eerste 6 maanden na ontslag de kans op heropname 25 procent en overlijdt 20 procent’, vertelt Patricia Jepma, die onlangs promoveerde op onderzoek naar deze vraag. ‘We weten dat de oorzaken heel divers zijn, door de aanwezigheid van zowel cardiologische als geriatrische risicofactoren en bijwerkingen van de medicatie. Cardiologische medicatie speelt ook een rol. Van bloeddrukverlagers kun je bijvoorbeeld duizelig worden en daardoor sneller vallen.’

Cardiologische Zorgbrug

Onderzoekers van de Hogeschool van Amsterdam (HvA) en het Amsterdam UMC bekeken of het effectief is om kwetsbare ouderen na de ziekenhuisopname begeleiding aan huis te bieden. In de Cardiologische Zorgbrug-studie verdeelden zij ouderen die volgens het ziekenhuis kwetsbaar waren in 2 groepen. De ene groep kreeg standaardzorg, de andere ontving intensievere begeleiding gedurende 6 weken door een cardiologisch geschoolde wijkverpleegkundige en een fysiotherapeut. De analyse van de bevindingen is een belangrijk onderdeel in de recent afgeronde proefschriften van Patricia Jepma en Lotte Verweij. Beiden werkten tijdens hun promotie als docent verpleegkunde aan de HvA en combineerden dit met promotieonderzoek in samenwerking met het Amsterdam UMC.

Patricia Jepma (links) en Lotte Verweij

Frustrerend en boeiend

De kans op heropname is het grootst kort na ontslag, dus kwamen de wijkverpleegkundige en fysiotherapeut al in de eerste week op huisbezoek. Daarbij stonden vroegsignalering van gezondheidsveranderingen en revalidatie centraal. De overgang van ziekenhuis naar thuis zou zo tot minder heropnames en voortijdig overlijden moeten leiden. En hoewel die logica zeer voor de hand ligt, zagen de onderzoekers geen verschil tussen de groep die aanvullende zorg kreeg en de controlegroep. Verweij noemt dat tegelijkertijd frustrerend en boeiend. ‘Vooraf zou je bijna zeggen: waarom ga je dit onderzoeken, want je weet toch dat intensievere begeleiding werkt? Je bent geneigd om daar snel overheen te stappen.’

Te kwetsbaar

De conclusie luidt dat invoering van deze interventie op dit moment niet zinvol is. Maar, benadrukt Verweij, het betekent niet dat intensievere begeleiding altijd zinloos is. ‘Het kan bijna niet zo zijn dat oudere hartpatiënten niet profiteren van extra zorg, alleen geldt dat niet voor de groep die wij hebben onderzocht. We hebben waarschijnlijk een te kwetsbare groep in onze studie geïncludeerd. Die mensen zaten waarschijnlijk meer aan de kant van de laatste levensfase, dan aan de revalideerbare kant. Niet alleen door cardiologische problemen, maar juist door ouderdomsproblematiek.’

Gemiddeld 82 jaar

Sommige patiënten zijn te ziek en te kwetsbaar om baat te hebben bij preventieve begeleiding, zegt Jepma. ‘De gemiddelde leeftijd in onze studie was 82 jaar. Dat gaat richting de gemiddelde levensverwachting in Nederland. Voor die groep moet je misschien meer inzetten op kwaliteit van leven en comfort in plaats van hartrevalidatie en volledig herstel.’ Een andere verklaring waardoor er geen preventieve werking werd gezien, heeft te maken met de invloed van standaardzorg. Sommige patiënten hebben al een thuiszorgnetwerk dat helpt met medicatie en aankleden. Daardoor is het moeilijk om een effect aan te tonen van extra zorg, zegt Jepma. ‘Als ik het over zou mogen doen, zou ik de transmurale zorg (begeleiding van de ene zorgsetting naar de andere, red.) inbedden bij de zorgverleners die de patiënt al kent.’

‘Mogelijk is er een iets minder kwetsbare groep die juist wel baat heeft bij extra zorg’

In de Zorgbrug-studie werden patiënten geselecteerd met het veelgebruikte screeningsinstrument van het Veiligheidsmanagementsysteem (VMS). Verweij: ‘Het VMS is goed om kwetsbare ouderen te identificeren, maar het is niet ontworpen om de kans op heropname en overlijden in kaart te brengen. We hebben ook gekeken hoe het beter kan. De conclusie is dat een selectie-instrument dat geriatrische en ziekte-specifieke aspecten combineert, beter de kwetsbare van de zeer kwetsbare patiënt kan onderscheiden.’

Tussen wal en schip

Het onderscheiden van die 2 groepen is zinvol, zegt Verweij, want mogelijk is er een iets minder kwetsbare groep die juist wel baat heeft bij extra zorg. De iets jongere, alleenwonende patiënt van 73 die naar huis gaat zonder thuiszorg en medicatiebegeleiding loopt juist meer risico. Verweij: ‘Die groep valt een beetje tussen wal en schip. Ze zijn veel te goed voor het verpleeghuis of revalidatiecentrum, of zelfs te goed voor bezoek van de wijkverpleging. Ze moeten zelf een fysiotherapeut regelen. En als het herstel niet goed verloopt, gaan die patiënten snel achteruit.’

Verpleegkundige ervaring

Jepma: ‘Naast kwetsbaarheid wil je ook weten hoe het zorgsysteem en de zelfzorgvaardigheden van de patiënt ervoor staan. Heeft een patiënt een partner en herkent een patiënt zelf tijdig symptomen waarmee hij contact op moet nemen met een zorgverlener? Verpleegkundigen in het ziekenhuis kennen op een gegeven moment de patiënt. Ik denk dat je met die verpleegkundige ervaring een goede inschatting kan geven of een patiënt baat kan hebben bij een aanvullend traject.’

Klinisch inzicht

Zorgverleners van het OLVG en Cordaan hebben door ervaringen in de Zorgbrug-studie een nieuw wijkverpleegkundig traject ontwikkeld voor kwetsbare hartpatiënten, zegt Verweij. ‘Ze zien daar positieve trends, al is dat nog niet statistisch onderbouwd. Wij vermoeden dat het klinisch inzicht een belangrijke rol speelt. In een wetenschappelijke studie gebruik je harde inclusiecriteria om te zien of een patiënt mee mag doen, maar in het OLVG-traject geeft het oordeel van cardioloog en verpleegkundige de doorslag. Als ze dat nodig achten dan wordt het team hartfalenverpleegkundigen van Cordaan ingeschakeld. Daardoor richt je je vanzelf op een bredere groep. In een wetenschappelijke studie kan zoiets niet, maar dit onderzoek levert zo wel mooie ontwikkelingen op in de praktijk.’


Tekst: Arno van 't Hoog
Foto’s: Shutterstock, privécollectie Patricia Jepma en Lotte Verweij
Publicatiedatum: 29 september 2021

Meer informatie

ZonMw-project COMPLEX CARE: COordination for Multimorbid Patients Leading to EXcellent CAre Research and Education

ZonMw-Programma Tussen Weten en Doen II (afgerond)

Filmpje: weer naar huis na ziekenhuisopname

Wereld Hart Dag

Naar boven
Direct naar: InhoudDirect naar: NavigatieDirect naar: Onderkant website