Kinderen met koorts krijgen in Afrikaanse landen vaak ten onrechte malariamedicijnen en antibiotica voorgeschreven. Onderzoekers in Burkina Faso en Amsterdam hebben een snelle malariatest ontwikkeld die beter en specifieker werkt dan de huidige testen. In 2021 wordt de nieuwe test uitgerold in vijf Afrikaanse landen.

Malaria veroorzaakt in Afrika jaarlijks honderdduizenden sterfgevallen, merendeels kinderen onder de vijf jaar. Omdat malaria een van de grootste veroorzakers is van koorts, worden kinderen met koorts vaak zonder deugdelijke diagnose behandeld met malariamedicijnen én antibiotica. Dit heeft weinig zin en leidt tot antimicrobiële resistentie, blijkt uit onderzoek in Burkina Faso. De voorgeschreven antibiotica bleken in maar liefst 50 tot 90 procent van de gevallen helemaal niet te helpen. ‘De hele keten van diagnostiek bij deze kinderen verloopt niet goed’, vertelt Henk Schallig, parasitoloog bij het Amsterdam UMC. Hij is coördinator van RAPDIF, een ZonMw-project waarin Amsterdamse en Burkinese onderzoekers samenwerken om de diagnostiek en behandeling van koorts bij kinderen in Burkina Faso te verbeteren.

Wantrouwen in diagnose

Een groot probleem is dat er weinig vertrouwen is in de huidige malariatesten, legt Schallig uit. ‘Als een kind met koorts negatief test op malaria, heeft het waarschijnlijk een bacteriële infectie die antibiotica vereist. Toch geven gezondheidswerkers dan vaak bovenop de antibiotica ook malariamedicijnen, vanwege eigen twijfels over de diagnose of druk vanuit de ouders. Zo krijg je een wildgroei in voorschrijfbeleid en dat werkt resistentie tegen medicijnen in de hand, van zowel bacteriën als de malariaparasiet.’

Sneltest minder betrouwbaar

Het wantrouwen in de malariadiagnose is niet geheel onterecht, blijkt uit het RAPDIF-onderzoek. De malariasneltesten die sinds een jaar of tien worden gebruikt in Burkina Faso en andere Afrikaanse landen werken namelijk niet goed meer. Ze detecteren een specifiek eiwit (HRP2) dat geproduceerd wordt door Plasmodium falciparum, de meest voorkomende en gevaarlijkste malariaparasiet. Dit eiwit blijft echter ook na behandeling nog lang in het bloed circuleren. Een kind kan onterecht positief testen voor malaria terwijl de parasiet niet meer leeft. Ook kunnen de HRP2-testen onterecht een negatieve uitslag geven terwijl het kind juist wel malaria heeft. Dit komt doordat de malariaparasiet in bepaalde gebieden is gemuteerd en het HRP2-eiwit niet meer produceert.

‘De komende maanden gaan we onze test verder perfectioneren, zodat hij onderscheid kan maken tussen de vier soorten malariaparasieten’

De RAPDIF-onderzoekers zijn erin geslaagd een nieuwe diagnostische test te ontwikkelen die honderd keer gevoeliger is in het vaststellen van malaria dan de huidige sneltesten. Bijzonder is dat deze nieuwe test direct het DNA van de malariaparasiet meet. Dit kan binnen een uur, via een draagbare mini-PCR-machine (PCR is een moleculairbiologische laboratoriummethode) die werkt op batterijen of zonne-energie en te bedienen is met een mobiele telefoon, tablet of laptop. Deze machine vermenigvuldigt het DNA rechtstreeks vanuit een bloedmonster, waarna het signaal opgepikt kan worden met een eenvoudig teststrookje.

Test in vijf landen

Onlangs is Schallig samen met het onderzoeksinstituut in Burkina Faso gestart met een grootschalige studie waarbij lokale gezondheidswerkers de nieuwe malariatest zullen gebruiken bij ongeveer 5700 kinderen en volwassen met koorts in vijf Afrikaanse landen: Namibië, Soedan, Ethiopië, Kenia en Burkina Faso. Ook zal Amref Flying Doctors, werkzaam in afgelegen gebieden in Afrika, de malariatest inzetten. ‘We starten in 2021 met de uitvoering in het veld en eind 2023 verwachten we resultaten’, vertelt Schallig. ‘De komende maanden gaan we onze malariatest verder perfectioneren, zodat hij onderscheid kan maken tussen de vier verschillende soorten malariaparasieten. Als je per soort de test kunt uitlezen, kun je de patiënt gerichter behandelen. Het is vooral van belang P. falciparum te kunnen onderscheiden, omdat deze parasiet resistent is geworden voor de gangbare medicijnen.’

Elektronisch beslismodel

In ontwikkelingslanden is het zaak met beperkte middelen een zo goed mogelijke diagnostiek in te zetten. Oftewel: hoe kan een lokale gezondheidswerker op basis van medische voorgeschiedenis, klinische symptomen en epidemiologie een diagnose stellen en een goede behandeling selecteren? Hiervoor hebben de RAPDIF-onderzoekers een diagnostisch stappenplan ontworpen. Schallig: ‘François Kiemde, een van onze Burkinese onderzoekers, is momenteel bezig dit stappenplan om te zetten in een elektronisch beslismodel dat voor iedere zorgverlener beschikbaar komt. We hopen hiermee de diagnostiek van koortsveroorzakende ziekten te verbeteren. We willen ervoor zorgen dat elk kind de juiste medicijnen krijgt en daarmee ook de ontwikkeling van antimicrobiële resistentie tegengaan.’

ZonMw-Parel en Discovery Award
ZonMw heeft aan Henk Schallig een Parel toegekend voor RAPDIF, vanwege de maatschappelijk en klinisch toepasbare resultaten die tevens internationale impact hebben. De uitreiking door ZonMw-directeur Véronique Timmerhuis vond vanwege corona plaats in een digitale bijeenkomst. In 2017 ontving het RAPDIF-team al de Discovery Award (onderdeel van het Britse initiatief Longitude Prize). Naast de ZonMw-subsidie wordt het (verdere) onderzoek van Schalligs team gefinancierd door The European & Developing Countries Clinical Trials Partnership.

Factsheet RAPDIF
Het RAPDIF-team heeft ook uitgezocht wat de belangrijkste koortsveroorzakers zijn naast de malariaparasiet. Dat zijn de bacteriën E. coli, Salmonella typhi, Pneumokokken en Streptokokken. Schallig zou ook voor bacteriële infecties graag een test ontwikkelen. ‘Dan kun je kinderen veel gerichter behandelen met de juiste antibiotica en voorkom je resistentie.’ Financiering ontbreekt echter nog.


Auteur: Chrétienne Vuijst
Foto:  Carola Havers
Publicatiedatum: 18 december 2020

Naar boven
Direct naar: InhoudDirect naar: NavigatieDirect naar: Onderkant website