Aleksandra Badura ploegde met haar collega’s 170 onderzoeken door over autisme en de rol van de kleine hersenen. Ze publiceerde deze systematische review én de resultaten van haar vervolgonderzoek open access. Deel 1 in een korte serie over open science in de praktijk.

Hoe werkt het cerebellum precies en welke rol spelen deze ‘kleine hersenen’ bij het ontstaan van autisme of andere ontwikkelingsstoornissen? Over die vraag buigt neurowetenschapper Aleksandra Badura zich met haar onderzoeksgroep aan de Erasmus Universiteit Rotterdam. Want opmerkelijk genoeg lijkt het cerebellum, het deel van de hersenen dat is betrokken bij motoriek en balans, óók een rol te spelen bij de ontwikkeling van het sociaal functioneren. ‘De laatste jaren is daarnaar veel klinisch onderzoek gedaan’, zegt Badura. ‘De uitkomsten waren tegenstrijdig. De ene onderzoeker zei: “Nee, schade in het cerebellum leidt niet tot autisme.” De andere zei: “Jawel, het leidt tot autisme of een andere ontwikkelingsstoornis”.’ 

Hiaten ontdekken

Badura besloot in 2012 een onderzoek te starten naar de rol van het cerebellum bij het ontstaan van ontwikkelingsstoornissen. Ze kreeg in 2014 een Veni-subsidie van ZonMw om het onderzoek uit te voeren. Om precies te bepalen waarop ze haar onderzoek moest richten, besloot ze eerst een systematische review te doen: een literatuuronderzoek naar relevante onderzoeken wereldwijd. Ze ploeterde zo’n 170 onderzoeken door en publiceerde een samenvatting in Neuron. Badura: ‘Een systematische review helpt je te ontdekken waar de hiaten zitten in het onderzoeksveld. Zo kun je beter bepalen welk onderzoek ook echt iets toevoegt aan de kennis tot nu toe.’ 

Sociale verbanden leggen

Uit haar review bleek dat er behoefte was aan een basaal proefdieronderzoek. Vier jaar later – in 2018 – publiceerde ze de resultaten van dit onderzoek in eLife. Conclusie: schade in een vroeg stadium van het muizenleven leidt wel degelijk tot een ontwikkelingsstoornis, maar schade in het cerebellum van een volwassen muis leidt tot motorische stoornissen en problemen met aanpassing aan nieuwe omgevingen. Badura: ‘Als een baby zwaait, zwaait mama terug. Om deze feedback – en dus de interactie – te begrijpen is timing belangrijk. Het wordt verwerkt in het cerebellum. De kleine hersenen zijn voor deze timing cruciaal in een bepaalde periode. Dat blijkt uit ons onderzoek. Onze hypothese is bevestigd.’ 

Open acces 

Badura publiceerde zowel haar review als haar onderzoeksresultaten open access: de artikelen zijn toegankelijk zonder betaling. Dit is een vorm van open science (zie kader onderaan artikel). eLife is een open-acces-tijdschrift en Neuron is een hybrid open-access journal, waarin sommige artikelen gratis zijn en andere niet. Nadeel van open acces zijn de kosten. Badura: ‘Elke onderzoeker publiceert graag in een gerenommeerd tijdschrift: een zogenoemd high impact journal. Redacties daarvan zijn selectief. Ze willen dat experts uit het veld achter het onderzoek staan, en vragen vaak om méér informatie: een extra tabel of grafiek, een aanscherping van de tekst. Juist tijdschriften met veel impact zijn duur, je moet betalen voor een publicatie. Voor open acces in een hybrid journal betaal je extra. Je bent dus dubbel zoveel geld kwijt.’ 

Goed gelezen

Een onderzoekspublicatie in een vooraanstaand tijdschrift levert status. Je hebt bewezen dat jouw onderzoek voldoet aan hoge standaarden. Een systematische review daarentegen, is vooral veel werk. Het levert minder status op en het verhoogt nauwelijks je kans op een Europese beurs. Dat maakt het niet aantrekkelijk om extra te betalen voor open acces. Aleksandra Badura deed het wél. ‘Wij wilden dat onze review goed gelezen werd, zodat andere onderzoekers óók op de hoogte zijn van de stand van zaken. Zo voorkom je overbodig dubbel onderzoek. Daarin zijn we geslaagd. We zijn veel geciteerd. Daar zijn wij blij om. Het heeft ons werkveld verder geholpen. Bovendien zijn citaties goed voor je positie in het wetenschappelijk veld.’ 

‘Open science helpt de wetenschap vooruit’

Aandachtspunt bij een systematische review is de volledigheid, zegt Badura. ‘Je moet alle relevante onderzoeken betrekken.’ Een ander aandachtspunt is objectiviteit: ‘Een review is géén opinie. Het is belangrijk dat je zonder oordeel bestaande onderzoeken systematisch samenbrengt tot een helder overzicht.’ Volgens Badura is het niet altijd nodig een review te maken. ‘Soms zijn onderzoekers zo specialistisch, dat ze heel goed weten wat de status in het veld is.’ Omgekeerd zijn er ook onderzoekers die met een review vooral hun eigen werk in het zonnetje zetten. Bij hun review betrekken ze vooral hun eigen studies – als ze expert zijn is dat ook terecht – en in de vervolgonderzoeken citeren ze zichzelf, of laten ze hun studenten hen citeren. Badura: ‘De conclusie is dan: kijk eens hoe goed ik ben. Elke citatie is er één, ook al is het een “zelfcitatie”. Onderzoekers die dat doen, zijn wel een beetje doorzichtig. Je denkt al snel: ja ja...’ 

Nieuwe review

Al of niet mede dankzij het literatuuronderzoek van Aleksandra Badura is er de laatste vijf jaar wereldwijd zóveel neurowetenschappelijk onderzoek gedaan naar het verband tussen het cerebellum en ontwikkelingsstoornissen, dat het volgens haar tijd wordt voor een nieuwe systematische review. Ze wil er de jonge onderzoekers uit haar groep niet mee lastigvallen. ‘Zij steken hun energie graag in vernieuwend onderzoek. Bovendien moet je voor een goede review je vakgebied goed kennen.’ In oktober gaat ze naar een congres van de Society for Neuroscience research. ‘Daar zal ik eens informeren bij andere onderzoeksgroepen’, zegt ze. ‘Misschien kan ik het samen met een ander doen.’

Glazen bol

‘Je besteedt wel erg veel kostbare tijd en middelen aan reviews en open science’, hoort Badura regelmatig van collega-onderzoekers. Des te meer welkom was de ZonMw-prijs voor open science die ze in april 2019 ontving. De prijs was een boeket, een geldbedrag (1500 euro) en een glazen bol die de transparantie van open science symboliseert. ‘Ik zie een mooie toekomst in de bol’, grapt ze. ‘Er zal steeds meer aandacht zijn voor open science. Open science helpt de wetenschap vooruit. Je weet van elkaar waarmee je bezig bent en het maakt efficiënt samenwerken gemakkelijker.’

Open science
Open science geeft iedereen de gelegenheid kennis te nemen van wetenschappelijke ontwikkelingen. Open acces is een onderdeel van open science: wetenschappelijke artikelen zijn via internet toegankelijk voor iedereen. Bij open data zijn data vindbaar, toegankelijk, leesbaar in verschillende ict-systemen, herbruikbaar en duurzaam opgeslagen. Soms publiceren onderzoekers al op voorhand openlijk over de onderzoeksmethode: pre-registration. Ook outreach is een vorm van open science: vrijuit praten over je onderzoek. Aspecten als privacy, veiligheid, kosten en concurrentie maken open science op onderdelen een complex thema. 
 


Auteur: Riëtte Duynstee
Fotograaf: Sietske Raaijmakers
Publicatiedatum: 23 september 2019

Naar boven
Direct naar: InhoudDirect naar: NavigatieDirect naar: Onderkant website