Veel wetenschappers werken enige tijd in den vreemde. Wat valt ze daar op? Deze keer: Italiaan Lapo Mughini-Gras, dierenarts-epidemioloog bij het RIVM en universitair hoofddocent veterinaire volksgezondheid aan de Universiteit Utrecht.

Wat is uw onderzoeksgebied? 

‘Ik onderzoek infecties die van dier naar mens en vice versa kunnen worden overdragen. Zo bestuderen en kwantificeren we onder andere de verschillende besmettingsroutes of bronnen. Mensen raken bijvoorbeeld geïnfecteerd door het eten van besmet vlees, zuivel en eieren, en door blootstelling aan ziektekiemen die dieren uitscheiden in hun omgeving. We ontwikkelen computermodellen die kunnen voorspellen hoe dergelijke infecties verlopen en wat de consequenties zijn voor de volksgezondheid. Neem bijvoorbeeld campylobacter, een bacterie die wereldwijd een van de grootste verwekker van darminfecties is. We onderzoeken dan vragen als: vanuit welke dieren en via welke routes verspreidt de campylobacter zich? En welke risicofactoren maken dat mensen vaker ziek worden? Hebben zij bijvoorbeeld een verhoogd risico door een andere ziekte of door medicijngebruik of door hun gedrag? Ook brengen we de genetische vingerafdruk van verschillende stammen van campylobacter in kaart, zodat we kunnen inschatten welke stam een persoon heeft geïnfecteerd. Dit soort onderzoek doen we ook voor andere pathogenen, zoals salmonella en E.coli. Recentelijk zijn we dezelfde methodes gaan gebruiken om antibioticaresistentie te onderzoeken.’

Hoe bent u in Nederland terechtgekomen?

‘In 2011 deed ik een half jaar onderzoek bij het RIVM. Ik werd toen al snel verliefd op Nederland maar moest mijn promotie in Italië afronden. In 2013 kreeg ik de kans om naar Nederland terug te keren toen mijn voormalige begeleiders bij het RIVM en de Universiteit Utrecht mij een onderzoeksbaan aanboden.’ 

Hoe verschilt wetenschapsbeoefening tussen Italië en Nederland?

‘De combinatie van structuur en vrijheid in Nederlandse wetenschap is bijzonder. Ik moet bijvoorbeeld op een specifieke manier met financiering omgaan en resultaten rapporteren, maar tegelijkertijd heb ik de vrijheid om innovatief te zijn in mijn onderzoek. Ook is in Nederland veel samenwerking tussen onderzoeksgroepen en disciplines. In Italië werken groepen veel meer geïsoleerd en samenwerken is moeilijker omdat wetenschappers vaak vastzitten in hun eigen veld en organisatie. Dat komt ook door beperkte financiële en logistieke middelen. Italiaanse onderzoekers moeten harder werken en extra creatief zijn om dezelfde efficiëntie te bereiken als Nederlanders. Een ander opvallend verschil in de wetenschap: in Nederland worden ideeën en expertise beloond en gewaardeerd ongeacht je leeftijd of achtergrond. In Italië heeft een jonge onderzoeker niet dezelfde stem als een senior. Ook speelt vriendjespolitiek; met bijvoorbeeld een prominente familienaam, maak je sneller carrière. Dat ik nu al een senior functie heb, op mijn 35e en zes jaar na mijn promotie, had in Italië niet gekund.’ 

En hoe verschilt het leven in Italië en Nederland?

‘Italië heeft mooier weer, heerlijk eten en Italianen zijn vaak meer open dan Nederlanders. Maar voor een onderzoeker is Italië heel stressvol door onzekerheden en chaotische procedures. Ik waardeer dat in Nederland alles goed op orde en duidelijk is. Wat ik alleen niet begrijp, is de vreemde relatie van Nederlanders met geld. Ze klagen als iets kleins vijftig cent te duur is, maar kopen bijvoorbeeld wel belachelijk dure fietsen. Voor mij is dat een apart soort soberheid. Italianen zijn gul en zelfs pompeus in geld uitgeven. Als je het hebt, moet je het laten rollen.’ 

Zien ze u nog terug in Italië?

‘Hoogstwaarschijnlijk niet. Ik hou van de Nederlandse manier van werken en leven. Ook herken ik mijzelf niet meer in de huidige politieke situatie in Italië. Ik denk er zelfs aan om de Nederlandse nationaliteit aan te vragen. Mijn kinderen zijn hier geboren. Ze houden meer van een boterham met pindakaas of hagelslag dan van een pastagerecht.’


Auteur: Chrétienne Vuijst
Foto: privécollectie Lapo Mughini-Gras
Publicatiedatum: 23 september 2019

Naar boven
Direct naar: InhoudDirect naar: NavigatieDirect naar: Onderkant website