Minder nabloedingen na openhartoperaties, dat is het doel van cardio-thoracaal chirurg Dave Koolbergen. Hij bedacht daarom Continue Postoperative Pericardiale Flush (CPPF), een methode van wondspoeling. Het op de markt brengen van een werkzaam apparaat blijkt wel tijd, geld en ondernemerschap te vergen.

Voor welk probleem is het door u bedachte spoelsysteem een oplossing?

‘Na een openhartoperatie is er altijd wat bloedverlies vanuit de gehechte wond, gemiddeld een halve liter. Is er binnen 24 uur meer bloedverlies, dan moet iemand soms opnieuw naar de operatiekamer. Een extra hechting kan voldoende zijn, maar er kan ook bloed in de holte om het hart (de pericardholte) sijpelen vanuit kleine vaatjes in het wondgebied. Of er kan een bloedophoping in de pericardholte zijn ten gevolge van verstopte wonddrains. Vocht in de pericardholte kan leiden tot een levensgevaarlijke beknelling van het hart, een harttamponade. En dat is niet de enige reden om overmatig bloedverlies te willen voorkomen. Er zijn dan ook minder bloedtransfusies nodig, het herstel is sneller, er zijn minder heroperaties nodig en er ontstaan minder irritaties en verklevingen in de borstholte. Want bloed dat buiten de bloedbaan treedt, geeft ontstekingsreacties.’

Hoe ontstond het idee van postoperatief wondspoelen?

‘Tijdens mijn opleiding tot hartchirurg in de jaren negentig gebeurde het tijdens nachtdiensten regelmatig dat ik patiënten vanwege nabloedingen opnieuw moest opereren. Je opende de wond en spoelde het wondgebied met warm water om de oorsprong van de bloeding te zoeken. De ervaring leerde dat nadien het wondgebied meestal droog – vrij van bloed – bleef. In 1998 publiceerde een Fransman, Pelletier, een artikel waaruit bleek dat stolsels in het lichaam het signaal afgeven: stop met bloedstolling. De bloeding blijft dan in stand.’

Het duurde een tijd voordat u het concept voor wondspoeling heeft uitgewerkt.

‘Voordat je een wond kunt spoelen moet je een aantal problemen oplossen. Bloed en spoelwater komen in de wonddrains samen. Dat ontneemt het zicht op de hoeveelheid bloedverlies afkomstig uit de chirurgische naad op het borstbeen. Ook mag het spoelwater niet koud zijn. Daarom moet een spoelapparaat bijvoorbeeld zijn uitgerust met een warmtesensor en een hematocrietsensor. De laatste meet het aantal bloedcellen in vocht. Ik heb eerst een procedure uitgedacht om dergelijke problemen op te lossen. In 2011 ben ik daarmee naar het patentbureau van het Amsterdam UMC-locatie AMC gegaan. Vervolgens heb ik beurzen aangevraagd om een proefopstelling te maken.’

‘In de groep met wondspoeling traden geen harttamponades op en hoefden geen heroperaties plaats te vinden’

De proefopstelling is in twee studies getest. In de onlangs afgeronde ZonMw-studie vergeleek u de resultaten van wondspoeling versus niet-spoelen bij mensen na een bypassoperatie. In een andere studie deed u dat bij patiënten die geopereerd werden vanwege een aangeboren hartafwijking. Wat waren de resultaten?

‘We hebben in die twee studies in totaal bijna 170 wonden gespoeld met warm water en vergeleken met evenveel mensen bij we niet spoelden. We spoelden met bestaande technieken, zoals een infuuspomp met een verwarmingselement en extra drains. Verpleegkundigen en studenten rekenden het bloedverlies uit. Dat ging aanzienlijk omlaag, maar het gemeten percentage van 76 procent was om methodologische redenen helaas niet keihard. In de groep met wondspoeling traden geen harttamponades op en hoefden geen heroperaties plaats te vinden.’

Ondertussen, rond 2014, begon u een start-up om een zogenoemde wonddouche te ontwikkelen. Waarom? 

‘Voor het ontwikkelen van een prototype heb je een investeerder nodig. En hoewel dat totaal anders is dan je gebruikelijke werk, wilde ik het graag. Omdat ik het voor mijn patiënten belangrijk vond. En omdat, mócht het lukken, de impact van wat je doet enorm toeneemt. Ik opereer zelf jaarlijks 100 tot 150 mensen. Als mijn idee werkt, zijn daar wereldwijd 8000 levens per jaar mee te redden.’

Wat is de stand van zaken nu?

‘De proof of concept is er, dankzij de studies. Op papier bestaat het apparaat voor 80 tot 90 procent. Dit is geen rocket science, maar je moet de procedure van wondspoelen wél makkelijk toepasbaar maken. En dat kost een bom duiten. Voor de ontwikkeling van het eerste prototype van de wonddouche, met de juiste technologie en een design waardoor het goed te bedienen is, is 2 miljoen euro nodig. Eenzelfde bedrag is nodig voor een Europese multicenterstudie voor aanvullend bewijs en het inzetten van de implementatie. Deelnemende onderzoekers zijn key opinion leaders in ons vakgebied. Het ophalen van geld bij investeerders kost echter zeer veel tijd en energie en vergt een lange adem. We hebben daardoor vertraging opgelopen, helaas.’

Hoe zijn de reacties van vakgenoten?

‘Die zijn wisselend. Je hebt early adopters en veel conservatieve behandelaars. De laatste groep zegt dingen als: “We hebben dat nooit nodig gehad”, of: “Nabloedingen horen erbij”. Vandaar dat die multicenterstudie zo belangrijk is. Als je in de literatuur kijkt, zie je dat iemand die wegens een nabloeding opnieuw geopereerd wordt, een hoger risico heeft op gezondheidsproblemen en sterfte. Uit de business case die we gemaakt hebben, blijkt bovendien dat de kosten van alle complicaties ten gevolge van nabloedingen neerkomen op gemiddeld 1300 euro per geopereerde patiënt. Ons apparaat wordt uitgerust met disposables die 400 euro per patiënt kosten, de spoelapparatuur koop of lease je. Naast minder risico op sterfte en ziekte en een sneller herstel is toepassing van CPPF kostenbesparend.’


Auteur: Angela Rijnen
Fotograaf: Fred van Diem
Publicatiedatum: 2 april 2019

Naar boven
Direct naar: InhoudDirect naar: NavigatieDirect naar: Onderkant website