Eczeem en psioriasis hangen samen met genetische afwijkingen die leiden tot de afname van bepaalde eiwitten. Onderzoekers van het Radboudumc ontdekten dat deze genetische afwijkingen niet de barrièrefunctie van de huid veranderen, maar de bacteriële samenstelling.

Psoriasis en eczeem zijn veelvoorkomende chronische ontstekingsziekten van de huid, waarbij erfelijkheid een sterke rol speelt. Een deel van de mensen met deze huidziekten hebben afwijkingen in bepaalde genen: bij psoriasis is er een mutatie van de eiwitten ‘late cornified envelope 3B en 3C’ (LCE3B/C), bij atopisch eczeem van filaggrine. Onderzoekers van het Radboudumc zochten uit welke rol deze eiwitten spelen. Tot nu toe werd aangenomen dat de eiwitten betrokken zijn bij de barrièrefunctie van de huid, aangezien de huidbarrière bij eczeem en psoriasis verminderd is.  

LCE-eiwitten

De Nijmeegse onderzoekers bestudeerden onder meer huidcellen van mensen die LCE3B/C-eiwitten of filaggrine missen. Hun verrassende bevinding is dat deze eiwitten geen rol lijken te spelen in de vorming van de huidbarrière. De afwezigheid van LCE3B/C-eiwitten of filaggrine leidt niet tot een verminderde barrièrefunctie. Wél blijkt dat LCE3-eiwitten een antimicrobiële werking hebben, en dat afbraakproducten van fillaggrine een belangrijke voedingsbron zijn voor bepaalde huidbacteriën. Afwezigheid van deze eiwitten door een genetische afwijking kan daarom de bacteriesamenstelling van de huid – het microbioom – beïnvloeden. Kennelijk speelt het microbioom een belangrijke rol in het ontstaan van eczeem en psoriasis.


Project: Breaking the barrier: The role of late cornified envelope proteins in skin barrier function and development of psoriasis
Projectleiders: Joost Schalkwijk, Radboudumc Dermatologie
Programma: TOP subsidies, projectnummer 91211052

Naar boven
Direct naar: NavigatieDirect naar: InhoudDirect naar: Onderkant website