Een digitale keuzehulp helpt zwangere vrouwen na een eerdere keizersnede te kiezen tussen een vaginale bevalling en een geplande keizersnede. In de praktijk leidt dat tot een verschuiving van spoedkeizersneden naar geplande keizersneden, blijkt uit onderzoek van het Maastricht UMC+.

In een voorgaande studie bleek dat vrouwen die na een eerdere keizersnede moesten kiezen voor de manier van bevallen in hun huidige zwangerschap, vaak onvoldoende werden voorgelicht en niet in het keuzeproces werden betrokken. Bovendien waren er grote verschillen tussen ziekenhuizen in de gekozen manier van bevallen. Onderzoekers van het Maastricht UMC+ ontwikkelden daarom een keuzehulp die kan ondersteunen in de counseling. Dit online instrument bevat alle voors en tegens van de keuzemogelijkheden en overwegingen die vrouwen kunnen hebben. De keuzehulp bevat een predictiemodel waarmee de kans op een uiteindelijke vaginale bevalling betrouwbaarder wordt ingeschat dan door een individuele zorgverlener.

Toegankelijk maken

Het onderzoek viel in twee delen uiteen. Het eerste richtte zich op het effect van de keuzehulp door die bij de helft van de ziekenhuizen wel in te voeren en bij de andere helft niet. Het tweede onderzoek was gericht op de landelijke implementatie. De onderzoekers maakten de keuzehulp met een website toegankelijk voor alle vrouwen die eerder een keizersnede hebben ondergaan. Er kwamen Engelse, Turkse en Arabische vertalingen van de keuzehulp. Daarna volgde introductie van de keuzehulp en het predictiemodel via het Nederlandse Vereniging van Obstetrie en Gynaecologie (NVOG)-consortium in dertig ziekenhuizen. Daar kregen zorgverleners instructie in het gebruik van het instrument. Vervolgens werd een voor- en een nameting verricht om te zien wat het effect was op de variatie in de ziekenhuispraktijk. 

Meer geplande keizersneden, minder complicaties 

Het gebruik van de keuzehulp blijkt te leiden tot meer patiĆ«ntparticipatie. In de ziekenhuizen waar de keuzehulp niet werd gebruikt, gaf 32 procent van de vrouwen aan niet betrokken te zijn geweest bij de keuze, terwijl dat in de andere groep voor maar 2 procent gold. Daarnaast leidde de keuzehulp tot een betere risicoselectie, concluderen de onderzoekers. Het aantal vaginale bevallingen daalde met 7 procent licht. Vooral opmerkelijk was de verschuiving van spoedkeizersneden naar geplande keizersneden. Dat is gunstig, want een spoedkeizersnede leidt tot meer complicaties dan een geplande keizersnede. Het aantal ernstige complicaties bij moeder en kind daalde met 30 procent. De onderzoekers waarschuwen wel dat de verschuivingen mede kunnen komen door veranderde opvattingen over bevallen. 

Richtlijn

De inhoudelijke evaluatie laat zien dat de grote verschillen in de praktijk zijn afgenomen. De keuzehulp is inmiddels aan de landelijke richtlijn toegevoegd en wordt in 36 ziekenhuizen gebruikt.


Project: Implementatie resultaten SIMPLE II: het gebruik van een keuzehulp met een individueel predictiemodel voor de kans op een vaginale baring voor vrouwen met een eerdere keizersnede
Projectleider: Liesbeth Scheepers, MUMC, afdeling verloskunde en gynaecologie
Programma: DoelmatigheidsOnderzoek, projectnummer 710030061

Naar boven
Direct naar: NavigatieDirect naar: InhoudDirect naar: Onderkant website