Veel mensen die voorheen in een zorginstelling verbleven, wonen tegenwoordig in de wijk. Zorg- en welzijnsorganisaties en een wooncorporatie in Amstelveen werken samen aan een ‘inclusieve buurt’. Ze helpen kwetsbare bewoners een goede buur te zijn en leren buurtgenoten omgaan met verward gedrag.

In wijkcentrum Alleman in de Amstelveense woonwijk Bankras Kostverloren kunnen buurtbewoners voetbal kijken, koffiedrinken, biljarten, tafeltennissen en een kaartje leggen. In het kader van het praktijkproject Bijspringen en versterken wordt er eens per maand gekookt en gegeten. Vandaag, een zomerse maandagmiddag, is de kookploeg vanwege een verbouwing van het wijkcentrum uitgeweken naar de kantine van de nabijgelegen dagbestedingslocatie van gehandicaptenzorgorganisatie Ons Tweede Thuis. In de keuken reddert buurtbewoner Joan rond. Ze heeft het hoofdgerecht bereid: bami, nasi en gemarineerde kipstukjes. De rechauds staan klaar op de buffettafels. 

Buurtbewoners

Verderop staan Sebastiaan, Pieter Jan en Mia gedrieën voor het fornuis gebogen over een grote pan Chinese tomatensoep met extra kip, ei en lente-ui. Straks zullen de gasten binnendruppelen; allemaal buurtbewoners, de meeste kennen elkaar uit wijkcentrum Alleman. De soep staat inmiddels op een laag pitje, daar kan weinig meer aan fout gaan. Sebastiaan haalt een pakje shag uit de achterzak van zijn spijkerbroek. Tijd voor een sigaretje.

Buurman en buurman

In het praktijkproject Bijspringen en versterken bouwen zorg- en welzijnsorganisaties samen aan een ‘inclusieve buurt’. ‘Een buurt waarin iedereen meedoet’, zegt projectleider Irma Vroegop. ‘Ook de buurman of buurvrouw die een tikkeltje anders is. Jong en oud, hulpbehoevend, verstandelijk beperkt of verward.’ Ze krijgen hiervoor subsidie vanuit het ZonMw-Actieprogramma lokale initiatieven mensen met verward gedrag. Dit programma ondersteunt initiatieven om mensen met ‘verward gedrag’ op tijd passende hulp te bieden en de overlast voor de omgeving te beperken. 

Bij het praktijkproject Bijspringen en versterken zijn diverse zorg- en welzijnsorganisaties betrokken, zoals Ons Tweede Thuis, welzijnsorganisatie Participe, GGZ inGeest, ouderenzorgorganisatie Brentano, woningcorporatie Eigen Haard en de Regionale Instelling voor Begeleid Wonen (RIBW).

Het projectdoel is drieledig: kwetsbare buurtbewoners ondersteunen bij het realiseren van eigen wensen en verlangens, de wijk versterken door elkaar te leren kennen, en vroegsignalering van problemen. Irma Vroegop: ‘Binnen dit project groeien verschillende organisaties naar elkaar toe. Met gebundelde krachten kunnen we kwetsbare burgers beter ondersteunen een goede buurman of buurvrouw te zijn. Ook coachen we samen burgers in omgaan met verward gedrag. Dat burgers elkaar leren kennen is essentieel. Als je weet waarom je schizofrene buurman soms schreeuwt of scheldt, is het minder bedreigend. Misschien kun je hem zelfs samen met andere buren helpen kalmeren. Niet handhaving inschakelen, maar een kop thee voor hem zetten.’ 

Ervaring in zijn

Sebastiaan, Pieter Jan en Mia roeren opnieuw gedrieën door de Chinese tomatensoep. Ze kennen elkaar van de RIBW. Joan – ook ondersteund door een zorginstelling – is bezig met schaaltjes tafelzuur en pindasaus, af en toe staat ze stil en checkt of ze aan alles heeft gedacht. Voor hand- en spandiensten is René aanwezig. In het dagelijks leven is hij onder meer ‘ervaringsdeskundige’. ‘Ervaring in een heleboel zijn’, verklaart hij filosofisch. Hij heeft nogal wat financiële ellende gekend, zijn budget wordt nu beheerd door schuldhulpverlening. Hij benadrukt dat hij daar zelf voor kiest. ‘Want het is wel zo gemakkelijk’, smiespelt hij. ‘Heb ik meer tijd voor dit soort projecten.’ Hij grapt: ‘Als ZonMw subsidie over heeft, weet ik nog wel een IBAN-nummer.’ 

 

Jeu de boules

Inmiddels zijn de eerste gasten gearriveerd en buiten op een bankje gaan zitten. Het gesprek gaat over wijkcentrum Alleman en hoe dat nou moet tijdens de verbouwing. Een oudere mevrouw heeft vanochtend zoals gewoonlijk jeu de boules gespeeld op het veldje ernaast. Ze vertelt: ‘We nemen gewoon om beurten zelf een thermoskan koffie mee.’ Ze draagt een deux-pièces, de handtas op haar schoot. Naast haar een man van rond de veertig. Hij zit met een rechte rug, knieën naast elkaar, handen in de schoot. ‘En de ballen?’, vraagt hij. Hij spreekt behoedzaam en verzorgd. ‘Hoe komen jullie nu aan ballen?’

Behoefte aan burencontact

Bij aanvang van het project is er gepraat met buurtbewoners met en zonder zorgvraag: wat zijn jullie wensen als het gaat over wonen in de wijk? Irma Vroegop: ‘Er bleek veel behoefte aan burencontact, aan meedoen in de samenleving, aan begrip voor elkaar. Een aantal mensen is vrijwilliger geworden. Anderen wilden yoga doen. Er is nu een betaalbaar yogaclubje. Doelgroepneutraal, iedereen is welkom, niemand weet wie zorg krijgt van een zorginstelling en wie niet.’ In een flat waar veel mensen begeleid zelfstandig wonen, is een nieuw type huismeester aangesteld. ‘Een “huismeester plus”’, zegt Irma Vroegop. ‘Zij kijkt niet alleen of alles schoon en veilig is, maar let ook op de sociale contacten.’ 

 

Beter begrijpen

De projectgroep heeft ook geluisterd naar individuele wensen. Vroegop: ‘Joan liet bijvoorbeeld weten graag te koken voor grote groepen. Weer een andere mevrouw durfde niet alleen naar buiten, terwijl zij wel graag wandelt. Nu wandelt ze samen met iemand.’ Organisaties stapten uit hun comfortzone. Vroegop: ‘Ze zeiden soms: “Onze mensen kunnen dit niet aan, zoveel prikkels.” Wij kijken dan in gezamenlijkheid: wat hebben ze nodig om het wel te kunnen? De professional voert met de vaste vrijwilligers gesprekken om mensen die anders zijn beter te begrijpen.’ 

Aan tafel

We zitten aan tafel, zo’n dertig buurtgenoten, gekeuvel en geschuif van bestek over borden. De tafels staan in een U-vorm. Pieter Jan zit op een hoek dicht bij de deur. ‘Omdat ik een sociale fobie heb’, zegt hij met open vizier. ‘Zag u mij zonet niet naar buiten lopen? Ik kreeg het benauwd.’ René zit aan tafel bij de professionals: wijkcoach Sanne Joosen en ambulant begeleider Barbara Kooy. Hij wordt door Sanne geprezen vanwege zijn inzet voor het ‘financieel café’; het clubje dat meedenkt over financiering van activiteiten. René waardeert het compliment: ‘Een stukje erkenning vanuit ervaringsdeskundigheid’, zegt hij. ‘Om van mijn schuld af te komen, heb ik drie jaar op een houtje moeten bijten. Dan weet je als geen ander dat niet alles wat leuk is duur hoeft te zijn.’ 

 

Grappen

Verderop aan de dis maken twee mannen grappen over het eten. Ze vinden het vandaag lekkerder dan vorige maand. Op het menu stond toen wilde spinazie, bereid door een Syriër. ‘Misschien moet je het leren eten’, zegt de een. ‘Of leren klaarmaken’, kopt de ander in. Joan komt langs de tafels voor een tweede ronde. ‘Wat zal het zijn?’, vraagt ze. ‘Graag zoveel mogelijk van alles’, antwoordt een van hen. ‘Nee, geen sambal bij. Die was zo scherp. Hij komt mij de neus uit.’ 

‘Als buren weten wat er aan de hand is, zijn ze milder en vaker bereid om mee te denken’

Er is ook scepsis. Vroegop: ‘Een groep oorspronkelijke buurtbewoners zegt: dit gaat niet werken, het wordt niks. Zij komen ook niet naar zo’n etentje.’ Soms zijn mensen gefrustreerd omdat ze al jarenlang machteloos hebben gestaan tegen burenoverlast. Vroegop: ‘Na crisishulp komt een verwarde man of vrouw vaak terug op de woning.  Het FACT-team – de zorgverleners – zou dan vaker actief contact met buurtgenoten moeten stimuleren. Soms wil de cliënt in kwestie dat niet. Vanwege recht op privacy houdt het dan op. Maar er gebeurt wel wat in zo’n buurtje. Dat moet je niet onderschatten.’

 

Een ‘beweging’

Cijfers over de baten zijn er niet. Vroegop: ‘Omdat we het effect nog niet kunnen meten en hardmaken. Maar wij zijn ervan overtuigd dat het werkt. Meer mensen voelen zich opgenomen en ingesloten. Ze krijgen een plek in de buurt.’ Ze blijft realistisch: ‘Er zal altijd een groep bestaan die niet kan of wil meedoen. Burgers die genoeg aan zichzelf hebben.’ Bijspringen en versterken is een afgerond project dat een vervolg heeft gekregen om de resultaten zeker te stellen. De ZonMw-subsidie loopt tot en met 2019. Vroegop: ‘Dit project ontwikkelt zich naar een beweging. Ook als de subsidie stopt gaan we door.’

Onvrede voorkomen

Vroegop heeft voor de toekomst een ‘professional nieuwe stijl’ voor ogen. ‘Zorgverleners die zo’n cliënt weten over te halen. Die zeggen: laten we samen met de buren praten. In uw en in het collectief belang. Als buren weten wat er aan de hand is, zijn ze milder en vaker bereid om mee te denken. Zo voorkom je veel onvrede in de samenleving.’ Professionals nieuwe stijl zijn als het aan Vroegop ligt beter aanspreekbaar voor iedereen. Geldstromen en functieprofielen moeten herverdeeld en aangepast worden. Vroegop: ‘De afspraken tussen zorgverleners en financiers liggen behoorlijk vast. Daarom zijn wij blij met de “scharrelruimte” in dit project. We zien het effect van zorgverleners die mee aan tafel gaan bij het buurteten en die overdag door de wijk fietsen. Ze zijn voor iedereen zichtbaar en aanspreekbaar.’


Auteur: Riëtte Duynstee
Foto’s: Studio Oostrum
Publicatiedatum: 30 juli 2018

Naar boven
Direct naar: NavigatieDirect naar: InhoudDirect naar: Onderkant website