Veel wetenschappers werken enige tijd in den vreemde. Wat valt ze daar op? Deze keer: Arne Nieuwenhuys, onderzoeker en universitair docent bij de afdeling Exercise Sciences van de Universiteit van Auckland, Nieuw-Zeeland.

Wat is uw onderzoeksgebied?

‘Mijn onderzoeksterrein is de psychofysiologie. Ik probeer te begrijpen hoe psychologische en fysiologische factoren zoals vermoeidheid, stress en slaapgebrek het bewegen van mensen en hun prestaties beïnvloeden. Denk bijvoorbeeld aan een belangrijk moment waarin je moet presteren, maar er niet in slaagt eruit te halen wat erin zit. Als de consequenties van falen groot zijn, zijn er allerlei mentale aspecten die je kunnen afleiden van datgene waar je eigenlijk op moet focussen, of die maken dat je soms anders reageert dan je eigenlijk zou willen. In mijn huidige onderzoek bestudeer ik neurofysiologische processen terwijl mensen onder hoge stress en met slaapgebrek bewegingstaken uitvoeren die impulscontrole vereisen. Vervolgens probeer ik interventies te bedenken die mensen kunnen helpen om ook in dit soort ‘hogedruksituaties’ meer controle te houden over hun eigen gedrag.’

Hoe bent u in Auckland terechtgekomen?

‘Omdat mijn gezin en ik samen de wens hadden om in het buitenland te gaan wonen, ben ik naar vacatures gaan zoeken in Engelstalige landen. Ik kwam de perfecte vacature in Auckland tegen waar ik hetzelfde onderzoek kon doen. Nieuw-Zeeland sprak ook tot onze verbeelding. We wonen hier nu een half jaar en het bevalt goed.’

Hoe verschilt de wetenschapsbeoefening tussen Nieuw-Zeeland en Nederland?

‘Wat mij tot nu toe opvalt is de aandacht die hier aan het onderwijs wordt besteed. In Nederland zie je dat de balans in de wetenschap is doorgeslagen naar onderzoek. In Nieuw-Zeeland steken goede wetenschappers ook veel tijd in onderwijs. Onderzoek en onderwijs worden hier beide belangrijk gevonden. Waarschijnlijk komt dit deels door de kleinere schaal hier, maar er heerst ook een andere onderwijsmentaliteit. Veel bachelor-studenten stromen niet automatisch door naar de masteropleiding, maar gaan bijvoorbeeld direct aan het werk. In Nederland doen de meeste studenten een master, zelfs als ze later niet de wetenschap in gaan. Overigens pakken Nieuw-Zeelanders ook de wetenschap heel professioneel aan. Dat is indrukwekkend. Er lijkt minder competitie te heersen tussen individuen, zoals in Nederland, en meer tussen instituten.’

En waarin is het leven in Nieuw-Zeeland anders?

‘Ik heb het idee dat er minder haast is. Mensen werken wel hard en serieus, maar ze beseffen ook dat je na werktijd moet ontspannen. Ik denk dat genieten van het leven wel typerend is voor Nieuw-Zeelanders. Ze zijn hier ook gewend om veel meer ruimte om zich heen te hebben. Het buitenleven is veel aanwezig. In je vrije tijd leef je veel buiten; je gaat bijvoorbeeld wandelen, vissen, of het water op. Een ander opmerkelijk verschil: Nieuw-Zeelanders houden zich erg veel bezig met health and safety. Voor alles wat met gezondheid en veiligheid te maken heeft, fysiek en mentaal, bestaan protocollen. Waar deze zorg vandaan komt, moet ik nog ontdekken.’


Auteur: Chrétienne Vuijst
Foto: Arne Nieuwenhuys
Publicatiedatum: 30 juli 2018

Naar boven
Direct naar: NavigatieDirect naar: InhoudDirect naar: Onderkant website