Veel wetenschappers werken enige tijd in den vreemde. Wat valt ze daar op? Deze keer: Zwitser Hans-Peter Brunner-La Rocca, hoogleraar cardiologie & klinisch hartfalen en directeur van de hartfalenkliniek aan het Maastricht UMC+.

Wat is uw onderzoeksgebied?

‘Wetenschappelijk ligt mijn focus bij de behandeling van hartfalen. Ook ben ik betrokken bij een ZonMw-project van Daisy Janssen naar tijdige herkenning van palliatieve zorgbehoeften bij patiënten met gevorderd chronisch hartfalen. Palliatieve zorg bij hartfalen vind ik heel belangrijk, want hierin lopen we achter. Hartfalen wordt gezien als een minder gevaarlijke ziekte dan bijvoorbeeld kanker, terwijl het een ernstiger prognose heeft dan de meeste soorten kanker. Bij kanker is de palliatieve zorg al een paar decennia in ontwikkeling, maar bij hartfalen hebben we hiervoor nog te weinig instrumenten. Onderzoek is dus nodig. Hoe kunnen cardiologen en andere hulpverleners hartfalenpatiënten helpen omgaan met het feit dat hun leven afloopt? Wat zijn hun beperkingen, wat hebben ze nodig, wat betekent de ziekte voor hun relaties en hun sociale leven? Wetenschap echt vertalen naar de patiënt vind ik heel belangrijk.’

Hoe bent u in Nederland terechtgekomen?

‘Mijn interesse voor hartfalen heeft mij in 2009 naar Nederland gebracht. Daarvoor werkte ik in Basel waar hartfalen geen speerpunt was. In Maastricht was mijn voorganger al bezig met hartfalenonderzoek en waren ze op zoek naar iemand met klinisch wetenschappelijke expertise.’

Hoe verschilt de wetenschapsbeoefening tussen Zwitserland en Nederland?

‘De hiërarchie in de wetenschappelijke wereld is hier minder dan in Zwitserland, al is Zwitserland ook weer niet zo hiërarchisch als Duitsland. In de Nederlandse wetenschap is het uitwisselen van gedachten laagdrempeliger. Wat mij opviel toen ik in Nederland kwam, was dat Nederlanders zeggen dat hier helemaal geen hiërarchie heerst. Maar zo ervaar ik dat niet als buitenlander. In Nederland is de hiërarchie niet bespreekbaar omdat ontkend wordt dat ze bestaat. Maar ook hier gelden ongeschreven regels en worden beslissingen hogerop gemaakt. Het is weliswaar minder strikt dan in Zwitserland maar daardoor ook minder duidelijk en minder transparant. In Zwitserland is het duidelijk dat als de baas iets zegt, dat gewoon zo is. Daar kan je het mee eens zijn of niet, maar je weet wel hoe het zit. Ik geloof dat het beter is als mensen er meer voor openstaan om dit bespreken en te accepteren dat hiërarchie niet alleen maar slecht is. Praten is goed, maar knopen doorhakken is ook nodig.’

En hoe verschilt het leven in Zwitserland en Nederland?

‘Zwitsers zijn gereserveerder en laten niet het achterste van hun tong zien. In Zwitserland geldt als je het niet zeker weet, dan zeg je niks. In Nederland is dat anders. Hier heb ik vaak het gevoel dat je wel iets moet zeggen. Of dat wat betekent, is een tweede. Als een Zwitser iets zegt, dan weet je ook dat hij het zo bedoelt. In Zwitserland hoef je niet overal een mening over te hebben, dat vinden Zwitsers vaak ook irritant. In Nederland word je een beetje onder druk gezet om ook een mening te hebben. Tegelijkertijd betekent dat makkelijke praten van Nederlanders ook een vorm van gezelligheid die anders is dan in Zwitserland. De manier hoe mensen met elkaar omgaan, niet alleen privé maar ook in werkverband, is heel gemakkelijk.’


Auteur: Chrétienne Vuijst
Fotograaf:
Jonathan Vos

Naar boven
Direct naar: NavigatieDirect naar: InhoudDirect naar: Onderkant website