Hoe effectief medische behandelingen bij ouderen zijn, is niet of nauwelijks bekend. De vergrijzing maakt wetenschappelijke onderbouwing van zorg voor oudere patiënten urgent. Dat zegt Simon Mooijaart, trekker van het Institute for Evidence-based Medicine in Old Age (IEMO).

Een deel van de 70-plussers die met een acuut gezondheidsprobleem op een Spoedeisende Hulp (SEH) komen, kampt nadien met aftakelende gezondheid. In de drukte en hectiek komen bepaalde ouderdomsgerelateerde problemen onvoldoende over het voetlicht, terwijl ze de uitkomst van de behandeling wel degelijk beïnvloeden. 

Risico’s signaleren

Van 2013 tot begin 2018 heeft Simon Mooijaart, internist ouderengeneeskunde in het Leids Universitair Medisch Centrum (LUMC), een onderzoek geleid onder zo’n 2.700 ouderen die een SEH bezochten: de zich Acuut Presenterende Oudere Patiënt (APOP-studie). ‘We wilden weten of het mogelijk is een aantal standaardvragen te stellen die voorspellen wie van de ouderen het grootste risico heeft op overlijden of functieverlies. Met als doel risico’s snel te signaleren en erop in te kunnen spelen.’

Het juiste verhaal

Een van de ontdekkingen tijdens de studie was dat één op de drie onderzochte ouderen behoorlijke geheugenstoornissen had. Mooijaart: ‘Dan kun je je afvragen: krijg ik wel het juiste verhaal te horen van de patiënt? En kan die wel alle informatie onthouden over naar huis gaan, een recept halen en een polibezoek?’

Screening

De APOP-studie heeft geresulteerd in een vragenlijstje en protocol dat rekening houdt met behoeften van oudere patiënten. ‘Goed hè?’, vindt Mooijaart. ‘Ja, als je op de SEH een screening invoert die tien minuten kost om in te vullen, wéét je vooraf dat het niet gaat werken. We zijn dus begonnen met de vraag: hoeveel tijd mag het in beslag nemen? Na veel vijven en zessen kwam daar uit: ongeveer twee minuten.’ Tijdens de studie zijn gegevens van ouderen die de SEH bezochten van het LUMC, Alrijne ziekenhuis, HMC Bronovo en Erasmus MC gebruikt om de screening te ontwikkelen en te testen. De onderzoekers volgden de ouderen na hun bezoek aan de SEH. ‘We weten nu dat deze korte vragenlijst behoorlijk goed voorspelt welke oudere het grootste risico heeft op achteruitgang.’

‘We evalueren hoe de implementatie verloopt. Lukt het om binnen een complex proces als op de SEH de vragen altijd te stellen? Gebeurt dat ook op zaterdagmiddag om drie uur?’

Ouderen in trials

De APOP-studie vloeit voort uit de noodzaak die er is om zorg voor ouderen wetenschappelijk te onderbouwen. ‘Ouderen worden vrij systematisch uit studies geweerd’, constateert de internist ouderengeneeskunde. ‘Het is daarom belangrijk dat in klinische trials ook representatieve ouderen worden opgenomen: mensen die meerdere gezondheidsklachten hebben, die medicijnen gebruiken, die soms geheugenproblemen hebben.’

Thuis wonen

Daarnaast is het minstens zo belangrijk, vervolgt hij, dat er meer onderzoek komt met specifieke aandacht voor eindpunten van de behandeling die voor ouderen relevant zijn. ‘Oncologische studies vergelijken vaak de vijfjaarsoverleving tussen toepassing van middel A en middel B. Maar voor iemand van 85 is de vijfjaarsoverleving misschien niet het allerbelangrijkst. Een veel relevantere vraag kan zijn: kan ik over één jaar nog zelfstandig thuis wonen?’

Slechte voorspeller

Het is niet slim om allerlei gerandomiseerde studies van de afgelopen 25 jaar te herhalen voor ouderen, vindt Mooijaart. ‘Dat is niet effectief, niet haalbaar en niet betaalbaar. Het levert de meeste winst op als je in de dagelijkse praktijk gaat kijken of een behandeling doet wat we denken dat die moet doen. En daarbij goed in kaart te brengen om wat voor soort oudere het gaat. Zijn er functionele klachten, zijn er geheugenklachten? Zodat we een beeld krijgen voor wie van de ouderen de behandeling leidt tot de verwachte resultaten en bij wie je moet overwegen het anders aan te pakken. ‘Kalenderleeftijd is een heel slechte voorspeller. Het gaat veel meer om de mate van zelfredzaamheid, geheugenfunctie, aanwezigheid van andere ziekten en hoeveel medicijnen iemand gebruikt. Als je daarin meer inzicht hebt, voorkom je onderbehandeling van kwetsbare ouderen en overbehandeling van vitale ouderen.’

Efficiënt aanpakken

Simon Mooijaart is ook trekker van het Institute for Evidence-based Medicine in Old Age (IEMO), opgericht met subsidie van ZonMw. Vanuit dit samenwerkingsverband van universitaire centra en andere organisaties in de gezondheidszorg, doet hij de oproep zulk onderzoek voor ouderen vooral efficiënt aan te pakken. ‘Ouderdom-gerelateerde problemen zijn vergelijkbaar, bij álle ziekten. Hoe ze behandelingen beïnvloeden, zou je overal met dezelfde instrumenten en eindpunten moeten bepalen. Gebruiken bijvoorbeeld nefrologen en oncologen niet hetzelfde meetinstrument voor geheugenklachten, dan maakt dat vergelijken lastig. Juist bij ouderen, die vaak meerdere ziekten hebben, is het belangrijk niet voor iedere ziekte aparte oplossingen te zoeken. Wij willen graag landelijk en ook internationaal consensus krijgen over dat soort zaken, zodat onderzoek sneller leidt tot resultaten waar patiënten daadwerkelijk iets aan hebben.’

Niet tien jaar wachten

Mooijaart benadrukt dat actie nu geboden is. ‘Als we er nog tien jaar mee wachten, hebben we de grootste piek van de babyboomers in onze spreekkamer. En dan weten we niet of ze baat hebben bij de behandelingen die we aanbieden.’


Auteur: Angela Rijnen
Foto: Arno Massee

Naar boven
Direct naar: NavigatieDirect naar: InhoudDirect naar: Onderkant website