Kunnen huisartsen met een korte vragenlijst betrouwbaar inschatten of iemands klachten duiden op een hartinfarct? Huisarts en wetenschapper Jochen Cals besloot zijn onderzoek naar zo’n beslisregel eens totaal anders aan te pakken. Niet met een jarenlange studie, maar met een ‘flashmobonderzoek’ van twee weken.

‘Als patiënten met pijn op de borst en kortademigheid bij de huisarts komen, zullen zij veelal met spoed naar het ziekenhuis worden gestuurd. De klachten kunnen immers duiden op een hartinfarct’, vertelt Jochen Cals, huisarts in Sittard en universitair docent huisartsgeneeskunde aan de Universiteit Maastricht. Toch is lang niet altijd sprake van een acuut coronair syndroom (acuut hartinfarct of instabiele angina pectoris) en dan zijn de paniek, ambulancerit, onderzoek en behandeling voor niks geweest.

U dacht: dat moet beter?

‘We zijn op zoek naar een betrouwbare beslisregel. Dat is een set consultvragen waarvan is bewezen dat huisartsen daarmee een betrouwbare schifting kunnen maken tussen patiënten die thuis kunnen blijven of mogelijk later naar de cardioloog moeten, en anderen die acuut naar het ziekenhuis moeten. Als we zo’n beslisregel hebben, kunnen we de druk van de spoedketel halen en een hoop ellende en kosten besparen. Je wilt ook voor je patiënt voorkomen dat ze onnodig de hele diagnostiek van het ziekenhuis over zich heen krijgen, want ze schrikken er enorm van.’

Hoe heeft u uw onderzoek naar een betrouwbare beslisregel aangepakt?

‘Normaal doe je als wetenschapper zo’n onderzoek samen met enkele tientallen huisartsen, meestal uit één regio. Omdat een gemiddelde huisarts niet elke week deze patiënten ziet, ben je jaren bezig om genoeg gegevens te verzamelen. Ook vraag je veel van de huisarts en patiënt.
Ik wilde het daarom eens helemaal anders doen en heb de flashmobmethode bedacht. Tijdens de “Huisarts HART Week” afgelopen november hebben we álle huisartsen in Nederland gevraagd om als ze met spoed een patiënt naar de cardioloog gingen verwijzen, een lijst met tien consultvragen in te vullen en naar ons op te sturen. Uiteraard met toestemming van de patiënt. Het beantwoorden van de vragen duurt slechts twee minuten. De vragen, bijvoorbeeld naar de duur en aard van de pijn, maken deel uit van de wereldwijd best beschikbare beslisregels, die echter nog niet zijn getest. We zijn benieuwd of wij met ons onderzoek een beslisregel kunnen vaststellen waarvan is bewezen dat huisartsen ermee kunnen bepalen of er sprake is van een hoog of laag risico op een hartinfarct.’

De vragenlijst van het flashmobonderzoek

  • Naam patiënt, geboortedatum, geslacht
  • Hoeveel uren heeft de patiënt al klachten?
  • U dacht meteen aan een ernstige aandoening (eerste indruk)?
  • De patiënt heeft een voorgeschiedenis van hart- en vaatziekte?
  • De patiënt heeft pijn op de borst?
  • De pijn neemt toe bij inspanning?
  • De pijn is drukkend van aard?
  • De pijn is op te wekken bij palpatie?
  • De patiënt denkt zelf aan een cardiale oorzaak?
  • Het ECG toonde ischemische afwijkingen?
  • Hoe waarschijnlijk acht u het dat deze patiënt een acuut coronair syndroom heeft?

Waren ook de voorbereidingen anders?

‘Bij een flashmob kun je, als het onderzoek echt begint, niet meer bijsturen. Bij de start moet je alles perfect in orde hebben. Het vergt veel investeren vooraf. Het was belangrijk dat iedereen in de spoedzorg van tevoren op de hoogte was van het flashmobonderzoek tijdens de Huisarts HART week.’

Wat vergt het aan organisatie?

‘Ons dagelijkse team bestond uit acht personen: ik als projectleider, een junior onderzoeker en een hoogleraar van de vakgroep, twee kaderhuisartsen, een cardioloog en collega-onderzoekers van het Radboudumc en het Leids Universitair Medisch Centrum. We hebben een fiks PR-plan opgezet. Zo hadden we de steun van ruim honderd kaderhuisartsen, die als lokale ambassadeurs fungeerden en het flashmobonderzoek bij de huisartsen in hun regio onder de aandacht brachten. Als het verzoek om deelname van je directe collega’s komt, doe je eerder mee dan als het van een universiteit ver weg komt. Bovendien was er een consortium van partijen die het onderzoek ondersteunden zoals de Hartstichting, de Nederlandse Vereniging voor Cardiologie en InEen (vertegenwoordiger van alle huisartsposten). Deze partijen hielpen met het verspreiden van informatie en deelnameformulieren en zetten ook hun sociale media in. Ambulancezorg Nederland zorgde ervoor dat de ambulances in heel Nederland werden uitgerust met deze formulieren. Ook hebben we een animatiefilmpje laten maken dat veel gedeeld is.’

‘Ik zou pleiten voor één groot flashmobonderzoek in de huisartsgeneeskunde per jaar’

Hoe zat het met de timing?

‘Een week voor het flashmobonderzoek zou starten, vond het congres plaats van het Nederlands Huisartsen Genootschap, waar 2500 huisartsen op af kwamen. Daar hebben we ons onderzoek nog eens extra onder de aandacht gebracht.’

Wat is de uitkomst?

‘Als nationale flashmob is het geslaagd, want we hebben landelijke dekking. Huisartsen hebben over ruim 250 patiënten die met spoed naar de cardioloog zijn gestuurd de lijst met tien consultvragen ingevuld. Nu is het spannend, want we hebben deze huisartsen vervolgens nog één vraag te stellen: wat was de einddiagnose? Was er sprake van een acuut coronair syndroom of was het iets anders? Pas als die gegevens zijn verwerkt, weten we welke factoren de beste voorspellers zijn en of we een betrouwbare beslisregel hebben.’

Gaat u nu altijd flashmobonderzoek doen?

‘Het is een nieuw concept dat we graag verder willen ontwikkelen. Maar het is geen vervangend design, want het is alleen geschikt als je zeer beperkte data per patiënt wilt verzamelen. Ook moet je het niet elke week willen doen. Afstemming is daarom belangrijk, want als iedereen het gaat doen verslapt de aandacht. Ik zou pleiten voor één groot flashmobonderzoek in de huisartsgeneeskunde per jaar.’


Auteur: Tjitske Lingsma
Foto: Jonathan Vos

Naar boven
Direct naar: NavigatieDirect naar: InhoudDirect naar: Onderkant website