Een grote groep mensen sport of beweegt te weinig. Om hen te stimuleren gebruik te maken van sport- en beweegaanbod in de buurt, riep de overheid in 2012 de Sportimpulsregeling in het leven. Dat heeft geleid tot veel nieuwe activiteiten. Nu de moeilijkste groepen nog zien te bereiken.

Elke dinsdagmiddag gaan zo’n dertig ouderen in het Overijsselse dorpje Luttenberg naar het gemeenschapscentrum voor een partijtje koersbal. Ze betalen ieder twee euro, waarvoor ze twee uur kunnen koersballen en een kopje koffie krijgen. ‘Het is een kegelspel dat de nodige precisie vereist’, vertelt Herman Holtmaat, voorzitter van Stichting Sportbelangen Luttenberg. ‘Het wordt gespeeld met ballen die aan één kant zijn verzwaard, waardoor ze met een boog rollen. Je kunt er behoorlijk verslaafd aan raken.’

Lokale aanbieders

Het koersballen is een van de dertig sport- en beweegactiviteiten voor dertigplussers in Luttenberg (2300 inwoners) die mogelijk is gemaakt door een subsidie van 70.000 euro die de stichting ontving van Sportimpuls. Dit is een onderdeel van het programma Sport en Bewegen in de Buurt van het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS). De Sportimpuls heeft als doel mensen die niet of te weinig bewegen of daarmee dreigen te stoppen, te stimuleren fysiek actief te blijven door gebruik te maken van aanbod in de buurt. Lokale aanbieders die voor deze doelgroepen sport- en beweegactiviteiten willen opzetten, kunnen bij ZonMw een aanvraag indienen voor een tweejarige financiële ondersteuning.

Sportimpuls

Het programma Sport en Bewegen in de Buurt is onder de vorige minister van VWS, Edith Schippers, gestart. Een onderdeel is de Sportimpuls, waarbij ZonMw samenwerkt met VSG, NOC*NSF en Kenniscentrum Sport. ZonMw wil ook onderzoek laten doen naar de borging van de projecten die tussen 2014 en 2017 zijn gehonoreerd. Volgend jaar stopt de Sportimpuls. Lokale aanbieders van sport- en beweegactiviteiten kunnen van 8 januari tot 22 februari voor een laatste maal een subsidieaanvraag doen bij ZonMw.

Enquête

Om te zorgen dat de activiteiten een breed draagvlak hadden, besloten de sportverenigingen van Luttenberg samen een inventarisatie te maken van de wensen van de bewoners. Bij alle zevenhonderd huishoudens werd een enquête afgeleverd en weer opgehaald. ‘Koersbal stond op het lijstje van ouderen, omdat ze er zelf niet toe kwamen het spel te organiseren’, vertelt Holtmaat. Met de subsidie konden hiervoor de speciale mat en ballen gekocht worden. ‘Bewegen is niet alleen goed voor het lichaam, maar dringt ook dementie terug. Bovendien gaat het samen bewegen ook de verveling en eenzaamheid tegen,’ stelt Holtmaat. De subsidie is verder besteed aan activiteiten als badminton en beach-handbal. De triatlon die klein begon, trekt inmiddels deelnemers uit het hele land en zelfs uit België en Duitsland.

‘In een mum van tijd hadden we een enorme lijst met vrouwen die wilden meedoen’

Toen sportinstructeur Louise Fynes hoorde van drie wijken in Gorinchem waar veel allochtone vrouwen wilden bewegen, maar dat zich vanwege hun geloof of cultuur niet bij een vereniging aansloten, kwam ze in actie. ‘In een mum van tijd hadden we een enorme lijst met namen van vrouwen die wilden meedoen. De pilot die we vervolgens deden, was ook heel succesvol’, aldus Fynes. Met haar bedrijf Fynesfitness biedt ze groepslessen aan voor speciale doelgroepen, gericht op beweging, voeding en sociale participatie. Met de subsidie van de Sportimpuls kon Lady Sport met drie groepslessen per week en tegen betaalbare prijzen van start gaan.

Vrijheid

Het liep storm. Inmiddels hebben vrouwen met roots in Marokko, Turkije, Syrië, Somalië, Irak, Iran, Suriname en Zuid-Afrika de weg naar de groepslessen gevonden. ‘We lijken de Verenigde Naties wel’, lacht Fynes. De leeftijden lopen uiteen van 18 tot 84 jaar. ‘Sporten en bewegen zijn een middel om vrouwen te bereiken die een taalachterstand hebben of aan een depressie leiden, en om hen uit een sociaal isolement te halen. Ze ervaren de lessen echt als vrijheid. De vrouwen kunnen hier koffiedrinken, vriendschappen sluiten en problemen bespreken. Het is bij ons veilig en vertrouwd. We hebben geen mannen in dienst. Het is voor vrouwen, door vrouwen.’

Activiteiten blijven

ZonMw heeft het Mulier Instituut voor sociaal wetenschappelijk sportonderzoek opdracht gegeven om onderzoek te doen naar de borging van de 339 projecten die in de eerste fase van de Sportimpuls (2012-2013) zijn ontstaan. De hoofdaanvragers kregen een online enquête toegestuurd. De vraag die centraal stond was of de aanvragers structureel aanbod hebben opgezet dat na de subsidie is blijven bestaan. Maar liefst 88 procent van de respondenten hebben hun activiteiten na de projectperiode geheel of gedeeltelijk kunnen voortzetten. Sterker, bij Lady Sport in Gorinchem is het lesaanbod voor allochtone vrouwen uitgebreid van 3 tot 23 lesuren per week. Ze volgen lessen uiteenlopend van yoga tot pilates, cardio, boksen, krachttraining, dans en mindfulness. Ook in Luttenberg gaat het goed. ‘De subsidies hebben een enorme boost gegeven’, zegt Holmaat. ‘Vierhonderd mensen die voorheen niet sporten, zijn nu wel in beweging.

Variatie

Het doel van de Sportimpuls is dat mensen echt actiever worden. De resultaten variëren per project. 28 procent van de ondervraagden antwoordde dat meer dan de helft van de deelnemers aan de activiteiten structureel is gaan sporten en bewegen. Bij een derde van de projecten ligt dit beweegpercentage tussen de 25 en 49 procent. Bij een kwart was het percentage minder dan 25 procent. Twaalf procent van de ondervraagden wist niet in hoeverre de activiteiten hebben geleid tot structurele sport- en beweegdeelname bij de deelnemers.

Nieuw aanbod

Linda Ooms, sportonderzoeker bij het Mulier Instituut, zegt: ‘De conclusie van ons onderzoek is dat de Sportimpuls heeft geleid tot nieuw aanbod. Dat geldt vooral voor het aanbod met wekelijkse activiteiten. Als je wilt dat mensen structureel bewegen, is die wekelijkse regelmaat belangrijk.’ Slechts 10 procent van de respondenten liet weten gestopt te zijn met het organiseren van de activiteiten.

Kwetsbare groepen

Het is met de Sportimpulsregeling echter minder goed gelukt om structurele activiteiten op te leveren voor de meer kwetsbare groepen, stelt Ooms. De doelgroep is niet alleen lastiger te bereiken, maar er moet ook specifiek aanbod voor worden ontwikkeld. Ooms: ‘Als je bijvoorbeeld voetbal voor ouderen of mensen met overgewicht aanbiedt, moet je het veld aanpassen en kleiner maken. Ook zijn ze moeilijker om te behouden als er geen geschikte vervolgactiviteiten zijn.’ 

Bottom-up

Hoe is het in Gorinchem wel gelukt? ‘Essentieel is dat Lady Sport is ontstaan uit een behoefte van vrouwen zelf. We weten wat ze willen. De activiteiten zijn volledig op hen afgestemd’, stelt Fynes. Ook Holtmaat noemt de bottom-up-aanpak en ‘vraaggericht werken’ als succesfactor voor het feit dat veel activiteiten doorgang vinden. ‘Het voordeel was dat onze projectgroep uit het dorp zelf kwam en de activiteiten niet door ambtenaren zijn ontwikkeld. Dat was mogelijk door de organisatiekracht van ons dorp, die door deze projecten ook nog eens is versterkt. We hebben mensen die goed kunnen organiseren, verstand hebben van financiën en over een netwerk beschikken.’

Samenwerking

Verder blijkt samenwerking met andere partijen een belangrijke succesfactor. Ooms: ‘Samen heb je meer middelen en menskracht. Je kunt kennis delen. Ook de reikwijdte van de promotie van je aanbod is groter. Een fysiotherapeut kan klanten naar een vereniging verwijzen, en omgekeerd.’ In Luttenberg werken niet alleen de sportverenigingen samen, maar zijn ook medische professionals betrokken die bijvoorbeeld voorlichting geven over het voorkomen van blessures of ouderen lesgeven in valpreventie. In Gorinchem werkt Fynes intensief samen met gemeente, ziekenhuis, huisarts, fysiotherapeut en scholen. ‘We hebben korte lijntjes.’ 

Financiële borging

Ook cruciaal is vooruitkijken, plannen en slim omgaan met de subsidie. ‘De grootste belemmering voor het continueren van activiteiten is dat de projectbetrokkenen te druk waren met de uitvoering van het project, waardoor zij te laat hebben gedacht aan het vervolg’, aldus Ooms. ‘Je moet al bij de start van een project aandacht hebben voor de financiële borging en nadenken over de toekomst.’ In Luttenberg hebben ze de subsidie bewust niet gebruikt voor salarissen, maar voor de aanschaf van materialen die jaren meegaan. Voor de triatlon is een sponsor gevonden. ‘Financiële borging is uitermate belangrijk, want daardoor kun je je activiteiten continueren’, zegt ook Fynes. De allochtone vrouwen betaalden vanaf het begin maandelijks 17,50 euro (inmiddels 25 euro) voor deelname aan groepslessen. Fynesfitness legde contact met de sociale dienst, zodat vrouwen het geld eventueel vergoed konden krijgen.  

Aanscherping criteria

De afgelopen jaren is er geleerd van de ervaringen met de Sportimpuls. ‘De regeling heeft een enorme ontwikkeling doorgemaakt’, vertelt Annemieke Bekkers, programmasecretaris Sportimpuls. Er worden nu meer voorwaarden aan projecten en subsidieverzoeken gesteld. Zo kunnen organisaties alleen financiële ondersteuning aanvragen voor activiteiten die staan beschreven op de Menukaart Sportimpuls, een overzicht met succesvol sport- en beweegaanbod. ‘Een streng criterium is ook dat de doelgroep centraal moet staan’, stelt Bekkers. ‘De behoefte moet in kaart zijn gebracht en er moet vraaggericht worden gewerkt.’  Verder heeft binnen de Sportimpuls een verschuiving plaatsgevonden naar kwetsbare doelgroepen: kinderen met overgewicht, jeugd uit lage inkomensbuurten, ouderen, chronisch zieken en gehandicapten. ‘Zij zijn moeilijker te bereiken en bewegen vaak minder. Juist daarom willen we de focus op deze groepen leggen.’ 

Kwetsbare groepen

Ook moeten aanbieders in gesprek met de gemeente, die een intentieverklaring moet ondertekenen en aangeven of het plan past bij de doelgroep en het lokale beleid. Een andere verplichting is co-financiering, in de vorm van geld, uren of beschikbaar stellen van accommodatie. Verder kan maximaal 80.000 euro (dat was 150.000 euro) subsidie worden aangevraagd. Bekkers: ‘De resultaten waren al positief, maar zullen straks door de aanscherping van de criteria naar alle waarschijnlijkheid nog beter zijn. We hopen dat mensen uit kwetsbare groepen meer gaan bewegen en dat ook zullen blijven doen.’ 


Auteur: Tjitske Lingsma
Foto: Marcus Peters
Foto koersbal: Harry Cock

 

 

Naar boven
Direct naar: NavigatieDirect naar: InhoudDirect naar: Onderkant website