Ga direct naar de inhoud Ga direct naar het hoofdmenu Ga direct naar het zoekveld
 

‘Onderzoeksinstituten vormen hier één grote community’

Veel wetenschappers werken enige tijd in den vreemde. Wat valt ze daar op? Deze keer: Celine de Esch, postdoc aan Massachusetts General Hospital aan Harvard Medical School in Boston.

Wat is uw onderzoeksgebied?

‘Binnen DNA-onderzoek naar ontwikkelingsstoornissen doe ik praktisch biologisch onderzoek naar autisme. In het lab help ik mee aan het ontwikkelen van stamcelmodellen. Ik karakteriseer ze en leer ze gebruiken om inzicht te krijgen welke genen en netwerken in deze celmodellen afwijkend zijn en een rol spelen bij autisme.’

Hoe bent u in Boston terechtgekomen?

‘Ik zocht naar postdoc-posities in het buitenland tijdens mijn promotieonderzoek aan de Erasmus Universiteit Rotterdam. Ik deed onderzoek naar het fragiele-X-syndroom, een erfelijke aandoening waarbij patiënten autistische kenmerken vertonen. Ik werkte toen ook met stamcellen. Al vrij snel vond ik deze positie. Ik heb er een Rubiconbeurs voor gekregen.’

Hoe verschilt de wetenschapsbeoefening tussen Boston en Nederland?

‘Hier zijn heel veel verschillende instituten die samen onderzoek doen naar allerlei ontwikkelingsstoornissen. Ze vormen één grote community. Als er iets nieuws wordt geïntroduceerd, gaat iedereen daar meteen mee aan de slag. Het is hier competitiever. Er worden grote onderwerpen aangepakt en spannende experimenten opgezet onder hoge tijdsdruk. In het begin moest ik daaraan wennen. Nu vind ik het leuk en uitdagend om op de hoogte te blijven van de nieuwste ontwikkelingen en ze meteen toe te passen in mijn eigen onderzoeksgebied. Daarmee probeer ik verder te komen.’ 

En hoe bevalt het leven daar?

‘Het is heel leuk en spannend. Ik kan hier ook allerlei meetings en workshops volgen. Boston is een internationale stad. Op het lab werken veel postdocs uit Europa en Azië. Dat maakt het gezellig. Maar ik trek ook veel op met Amerikanen. Er is hier altijd iets te doen. Er zijn veel theaters en voorstellingen en er is een grote verscheidenheid aan restaurants. Mensen gaan vaak uit eten, zowel ’s middags als ’s avonds. Boston is niet zo groot, waardoor je veel kunt belopen of met de metro kunt bereiken. Maar ik heb ook een fiets waarmee ik naar mijn werk ga.’

Wat steekt u op van de Amerikanen?

‘Ze zijn meer gewend om auto te rijden en trekken er makkelijk op uit. In het weekend maken ze vaak uitstapjes naar New Hampshire en Vermont. Twee uur rijden hiervandaan kun je prachtig wandelen en skiën in de White Mountains. Als ik terugga naar Nederland, wil ik ook daar wat vaker weekendjes weg.’

Zien we u nog terug in Nederland?

‘Eind 2017 loopt mijn Rubiconbeurs af, maar ik zou hier nog graag een paar jaar willen blijven. Ze zijn op mijn werk bezig met het verkrijgen van nieuwe fondsen, dus wie weet lukt het. Op een gegeven moment moet ik wel gaan nadenken wat ik op langere termijn ga doen. Maar op dit moment geniet ik er enorm van dat ik echt veranderingen in mijn vak meemaak.’

Tekst: Karin van Lier
Foto: Celine de Esch