Ga direct naar de inhoud Ga direct naar het hoofdmenu Ga direct naar het zoekveld
 

Richtlijn biedt concrete handvatten voor lijkschouw

18 juli 2016
Het Nederlands Huisartsen Genootschap (NHG) heeft de richtlijn 'Lijkschouw voor behandelend artsen’ uitgebracht. De richtlijn biedt artsen handvatten om de aard van het overlijden te onderzoeken. Ook bevat hij aanbevelingen voor de samenwerking met de gemeentelijk lijkschouwer en de politie.

Bij het overlijden van een patiënt moet een arts – doorgaans de behandelaar – het lichaam schouwen. Het doel van deze lijkschouw of lijkschouwing is niet zozeer het vaststellen van de dood, staat in de nieuwe richtlijn ‘Lijkschouw voor behandelend artsen’. Waar het om gaat is oordeelsvorming door een arts over de doodsoorzaak en de bijkomende omstandigheden. De richtlijn geeft hiervoor concrete aanknopingspunten.

Omgeving onderzoeken

De arts moet informeren naar de toedracht van het overlijden of deze proberen te reconstrueren. Behalve onderzoek van het lichaam op sporen van geweld is ook de omgeving van de overledene belangrijk. Als de doodsoorzaak mogelijk niet-natuurlijk is – bijvoorbeeld een ongeval of een complicatie – moet de arts de gemeentelijk lijkschouwer inschakelen. De richtlijn geeft aan wanneer en hoe de behandelend arts samenwerkt met de gemeentelijk lijkschouwer en de politie.

Gedegen onderzoek 

In de praktijk blijkt er vaak onduidelijkheid te bestaan over het doel van een lijkschouwing en de wijze waarop deze moet plaatsvinden. Ook blijkt uit statistieken dat lang niet alle gevallen van een niet-natuurlijke dood als zodanig worden geregistreerd. De nieuwe richtlijn heeft tot doel artsen handvatten te bieden voor een gedegen onderzoek naar de aard van het overlijden.

Samenwerking

De richtlijn ‘Lijkschouw voor behandelend artsen’ is tot stand gekomen met financiering van ZonMw. Het NHG schreef hem in samenwerking met Verenso, de Nederlandse Internisten Vereniging, de Nederlandse Vereniging voor Heelkunde, de Nederlandse Vereniging voor Cardiologie, Het Forensisch Medisch Genootschap en de Koninklijke Nederlandsche Maatschappij tot bevordering der Geneeskunst.