Ga direct naar de inhoud Ga direct naar het hoofdmenu Ga direct naar het zoekveld
 

Wegwijzer preventief aanbod kind en scheiding

Hoe zorg je ervoor dat kinderen zo min mogelijk te lijden hebben onder een scheiding? En welke ondersteuning kun je daar als wijkteam, gemeente of andere professional bij bieden? De Wegwijzer Kind en scheiding maakt het preventieve aanbod inzichtelijk en is voor iedereen gratis en online beschikbaar.

Jaarlijks krijgen zo’n 70.000 thuiswonende kinderen te maken met de scheiding van hun ouders. Deze kinderen hebben een verhoogd risico op het ontwikkelen van gedrags- en sociaal-emotionele problematiek (internaliserend en externaliserend) en problemen bij het functioneren op school en sociale contacten. Het is belangrijk dat deze kinderen bijtijds de ondersteuning krijgen die zij nodig hebben en dat hun stem gehoord wordt. 

Wegwijs in het preventieve aanbod

De wegwijzer geeft een overzichtelijk en actueel beeld van programma’s voor kinderen van 4 tot en met 18 jaar die te maken krijgen met de scheiding van hun ouders. De programma’s richten zich voornamelijk op het leren omgaan met de scheiding en het voorkomen van emotionele, sociale en gedragsproblemen. Op deze manier kan preventief worden gewerkt aan het welzijn van kinderen, zodat zij zo min mogelijk problemen ervaren rondom de scheiding van hun ouders.  

Voor wie en wat?

De Wegwijzer is bedoeld voor meerdere doelgroepen. De Wegwijzer biedt beroepskrachten en uitvoerders inzicht in het aanbod. Ze kunnen ouders doorverwijzen of zelf programma’s en initiatieven inzetten in hun werk. Beleidsmakers en bestuurders kunnen de Wegwijzer benutten om geschikt aanbod te vinden, te inventariseren of te verbeteren. En het helpt hen om ouders te informeren over het aanbod. Ouders kunnen ook zelf via de Wegwijzer een beeld krijgen van het aanbod en wat zij zelf graag zouden willen. Tenslotte kunnen onderzoekers en wetenschappers de Wegwijzer raadplegen om een overzicht te krijgen van bestaande programma’s en wat werkt voor deze doelgroep. Dit kan als aanzet dienen voor verder onderzoek. 

Projectleider: Drs. I.M. Anthonijsz