Ga direct naar de inhoud Ga direct naar het hoofdmenu Ga direct naar het zoekveld
 
Lesprogramma helpt kinderen omgaan met sociaalemotionele problemen

Met Zippy’s Vrienden leren van elkaars oplossingen

Het internationale lesprogramma Zippy’s Vrienden laat kinderen met elkaar praten over lastige situaties in hun leven. Het lesprogramma is nu ook in Nederland onderzocht. Leerlingen herkennen dankzij de lessen eerder hun emoties en kunnen problemen beter oplossen.

Zippy’s Vrienden bestaat uit 26 lessen, opgebouwd rond de belevenissen van drie vrienden en het huisdier Zippy, een wandelende tak. Het lesprogramma is bedoeld voor leerlingen in de eerste klassen van de basisschool. Elke les behandelt een emotioneel lastig thema, zoals ruzie, verlies, dood en pesten. De kinderen praten hierover met elkaar, doen rollenspellen en brengen het thema knutselend en tekenend in beeld. 

Lastig gedrag

Als leerkracht bij Het Kompas in Beverwijk werkt Mariëtte Winkel nu vier jaar met de lessenserie. Ze vindt het een mooie manier om met leerlingen aan hun sociaalemotionele vaardigheden te werken. ‘Leren praten over emoties is belangrijk, zeker als het gaat over nare situaties. En daar is Zippy’s Vrienden op gericht. De kinderen vertellen wat die lastige situatie met ze doet en bespreken mogelijke oplossingen. Daarmee brengen ze elkaar op ideeën en ontdekken ze dat ze ook anders met situaties om kunnen gaan.’

Botsingen vermijden

Dat ‘Hé, zo kan het ook!’-effect merkte ze bijvoorbeeld bij een leerling in haar klas die thuis veel last had van een broertje dat vanwege zijn handicap erg lastig kon zijn. De jongen botste dan vaak hard met zijn broertje. Door wat de andere kinderen in de lessen vertelden, ontdekte hij dat hij botsingen kon vermijden door zijn broertje op lastige momenten uit de weg te gaan. Zijn moeder vertelde dat zijn gedrag thuis was veranderd. 

Lage sociaaleconomische status

Het Kompas is een van de 29 scholen die meededen aan het effectonderzoek naar Zippy’s Vrienden. Daarvoor waren scholen geselecteerd met veel kinderen van ouders met een lage sociaaleconomische status, vertelt projectleider Rianne van der Zanden van het Trimbos-instituut. ‘Internationaal onderzoek betrof steeds een brede groep leerlingen. Wij wilden het effect van het programma bij deze groep kinderen nagaan, omdat zij meer sociaalemotionele problemen hebben dan andere kinderen. Misschien hebben zij zo’n programma wel het hardst nodig.’ 

Zelfstandige burgers

Kinderen toerusten met sociaalemotionele vaardigheden is het doel van Zippy’s Vrienden. Van der Zanden omschrijft dat als ‘kinderen opvoeden tot zelfstandige burgers die veerkrachtig kunnen functioneren in de huidige complexe maatschappij’. Bedoeling is dat ze de tegenslagen en conflicten in het leven beter aankunnen. Dan zullen ze minder stress en minder psychische klachten hebben, verwacht Van der Zanden. 

Megaoperatie

Van der Zanden is trots op het uitgevoerde project. Het was een logistieke megaoperatie, die slaagde dankzij de inzet van veel onderzoekers en leerkrachten. In totaal waren er 1177 leerlingen bij betrokken, van scholen die at random waren verdeeld over twee groepen, die wel en niet met de lessenserie werkten. Bij beide groepen werden op drie momenten metingen verricht. Omdat de kinderen nog nauwelijks konden lezen en ze elkaars antwoorden in groepsverband wellicht zouden beïnvloeden, hebben getrainde interviewers alle vragenlijsten individueel bij ze afgenomen. Ook de leerkrachten en de ouders vulden vragenlijsten in.

‘Leerlingen konden beter met problemen omgaan en gedroegen zich minder agressief’

Uit de analyse van deze databerg kwam naar voren dat de leerlingen die de lessenserie hadden gevolgd emoties bij zichzelf beter hadden leren herkennen. Ze hadden ook geleerd beter met problemen om te gaan, waren gemotiveerder om activiteiten uit te voeren en gedroegen zich minder druk en agressief. Hun prestaties op het gebied van rekenen en taal verbeterden niet. En terwijl het gedrag van kinderen die hun problemen op de buitenwereld afreageren wel veranderde, gold dat niet voor de kinderen die zich terugtrekken bij problemen.

Groep 4

Het effect van de lessenserie was groter bij kinderen die in groep 4 met het programma startten dan bij de starters in groep 3. In groep 3 waren de kinderen die de lessenserie niet kregen zelfs beter af. Van der Zanden vermoedt dat het lesmateriaal beter aansluit bij de ontwikkelingsfase van iets oudere kinderen uit de onderzochte sociale groep. 

Onderling respect

Mariëtte Winkel is steeds weer verrast door de reacties van de leerlingen in de lessen. Neem nu de middag toen ze met haar leerlingen een begraafplaats bezocht, als aanleiding om te praten over verlieservaringen. Zijzelf was bang dat de kinderen het een akelige plek zouden vinden, maar ze vonden het er juist mooi en rustig. ‘Ze vonden het een fijne middag. Eigenlijk ervaren ze de lessen niet als les.’

Open sfeer

Dat elke basisschool nu Zippy’s Vrienden in huis moet halen, wil Van der Zanden niet zeggen. Maar dit lesprogramma scoort goed tussen de andere programma’s op dit gebied. Laat elke school een eigen keuze maken uit effectief gebleken programma’s en zorg ervoor dat leerkrachten graag met het lesprogramma werken, bepleit Van der Zanden. Bij Het Kompas staat Zippy’s Vrienden nu op het programma voor alle kinderen van 6 tot 9. Het vervolgprogramma Appel, voor de hogere klassen, is al aangeschaft. Of het door de lessen komt, durft Winkel niet te zeggen, maar de sfeer in de school is open en respectvol. ‘Een nieuwe leerling die midden in het jaar binnenkwam, kreeg een welkomstkaart van de klas en is meteen in de groep opgenomen.’ 

Tekst: Veronique Huijbregts
Foto: Tom van Limpt Fotografie (Hollandse Hoogte)