Ga direct naar de inhoud Ga direct naar het hoofdmenu Ga direct naar het zoekveld
 
Interventie M@ZL vermindert ziekteverzuim scholieren

Liever de jeugdarts dan de leerplichtambtenaar

Leerlingen die zich vaak ziek melden, lopen het risico achterop te raken of zelfs uit te vallen. Scholen weten vaak niet hoe ze het tij kunnen keren. De interventie Medische Advisering Ziekgemelde Leerling (M@ZL) biedt uitkomst. Het verzuim daalt dankzij begeleiding door de jeugdarts.

Een tweedeklasser meldde zich regelmatig ziek. ‘Niemand wist de vinger erachter te krijgen. Wij op school wisten niet wat er speelde en ook zijn ouders niet. Waren het angsten? Was het psychisch? Was er meer aan de hand?’, vertelt Anita van Tol, wiskundelerares en zorgcoördinator van het Stedelijk Gymnasium Breda. ‘Als je niets doet, bestaat de kans dat zo’n jongen langere tijd verzuimt en in een negatieve spiraal terecht komt.’

Achterop raken

Kinderen die zich ziekmelden, kunnen achterop raken en uiteindelijk zelfs uitvallen. ‘Het zijn vaak ook nog eens de zwakkere leerlingen met wie dit gebeurt. Kinderen die thuis ook andere problemen hebben. Als het vmbo-leerlingen zijn, kunnen ze niet overstappen naar een nog lager schooltype’, zegt jeugdarts Yvonne Vanneste, verbonden aan de GGD West-Brabant.

Moeilijk bespreekbaar

Ziekteverzuim onder leerlingen is voor scholen een netelige kwestie. Een kind kan een keer griep hebben, maar wat te doen als het verzuim langer duurt? Bij ernstig zieke leerlingen vragen docenten zich af wat het kind wel en niet kan. Scholen voelen zich niet gekwalificeerd om te bepalen wat zij moeten doen met ziekgemelde leerlingen. De situatie is moeilijk bespreekbaar. ‘Als de school bij ouders en leerling gingen vragen hoe het zat, werd het vaak geen prettig gesprek omdat je bij het vragen stellen al snel op de controle zit’, aldus Vanneste. Ook waren er ouders die vonden dat de school zich er niet mee had te bemoeien. ‘Maar je moet op tijd maatregelen nemen, voordat leerlingen afglijden.’ 

Op gevoel 

Zorgcoördinator Van Tol: ‘We deden voorheen te weinig met het ziekteverzuim. Op gevoel zochten we een passende oplossing. Soms stelden we dan een leerling voor om in ieder geval een paar uur naar school te komen, terwijl sommigen daar alleen maar onzekerder van werden omdat ze bang waren lesstof te missen.’ 

M@ZL

Vanneste besloot samen met scholen een methode te ontwikkelen om ziekteverzuim aan te pakken. Ze vond scholen, GGD en gemeenten (die de jeugdgezondheidszorg financieren) in West-Brabant bereid mee te werken. ZonMw verstrekte subsidies om de interventie te evalueren en verspreiden. Zo is in de afgelopen vijf jaar de methode Medische Advisering Ziekgemelde Leerling (M@ZL) ontstaan. De aanpak valt op door duidelijke criteria. De school komt in actie als een leerling zeven schooldagen aaneengesloten of vier keer in twaalf schoolweken ziek is gemeld. 

Inmiddels wordt M@ZL toegepast op alle scholen voor het voortgezet onderwijs en de mbo’s in de achttien gemeenten van West-Brabant. De zorgcoördinator van de school neemt het initiatief tot een gesprek met de ouders en de leerling en een verwijzing naar de jeugdarts. Vanneste: ‘Niet het ziekteverzuim wordt centraal gesteld, maar het feit dat een kind in zijn of haar ontwikkeling wordt bedreigd. Het gesprek vindt plaats vanuit de zorg en niet vanuit controle. Ik zeg niet dat het verzuim ongeoorloofd verlof was, maar: “Je bent zo vaak ziek. We maken ons zorgen. Hoe moet dat nu”?’ 

Vinger aan de pols

De jeugdarts maakt met de ouders en leerling een plan van aanpak, dat met de school besproken wordt. Als leerling en ouders de afspraken niet naleven, gaat het dossier alsnog naar de leerplichtambtenaar. ‘Het vernieuwende is dat we samen de vinger aan de pols houden’, aldus Vanneste. Ze merkt dat scholen op ouderavonden over M@ZL vertellen. ‘De ouders weten dan dat de school ziekteverzuim serieus neemt. Daar ligt ook het preventieve aspect.’

‘Leerlingen ervaren het als erkenning als de arts zich over het probleem buigt’

Het Stedelijk Gymnasium Breda heeft in de afgelopen twee jaar zo’n tien leerlingen naar jeugdarts Vanneste verwezen. ‘M@ZL neemt ons zorg uit handen’, zegt Van Tol. ‘Het biedt duidelijkheid. We merken dat het advies van een arts veel meer waarde heeft dan als een docent het zegt. Een leerling ervaart het als erkenning als de arts zich over het probleem buigt. Wij zijn er heel blij mee.’ De duur van de interventie wisselt. ‘Bij ernstig zieke leerlingen kan het traject wel een jaar duren. Maar meestal zijn een paar gesprekken voldoende om afspraken te maken, waaraan alle partijen zich moeten houden.’

Halvering verzuim

In november is Vanneste op M@ZL gepromoveerd. Uit haar onderzoek blijkt dat de aanpak succes heeft. ‘Bij scholen die M@ZL toepassen is na een jaar het verzuim van de leerlingen die naar de jeugdarts zijn verwezen gehalveerd.’ Haar onderzoek richtte zich op vmbo-scholen. De Erasmus Universiteit Rotterdam onderzoekt nu de effecten van M@ZL op het mbo.

Verdere verspreiding

Vanneste werkt ook aan verdere verspreiding van de interventie. Ze schreef met subsidie van ZonMw twee handboeken over M@ZL en ontwikkelde scholingen. Inmiddels willen het basis- en het speciaal onderwijs in West-Brabant en GGD’s in andere delen van Nederland ermee aan de slag. Een hindernis voor landelijke verspreiding is echter dat er geen instelling is die dit op zich neemt. Ook de extra financiering die nodig is om de aanpak op de GGD en scholen te introduceren werpt een barrière op.

Perfectionisme

De tweedeklasser van het Stedelijk Gymnasium Breda heeft baat gehad bij M@ZL. Van Tol: ‘Hij heeft met Yvonne gepraat en moest een hoofdpijndagboek bijhouden. Hij bleek last te hebben van stress en perfectionisme. Doordat hij geleerd heeft beter te plannen en door speciale afspraken op school gaat het nu veel beter met hem.’

Tekst: Tjitske Lingsma
Foto: Sabine Joosten - Hollandse Hoogte