Ga direct naar de inhoud Ga direct naar het hoofdmenu Ga direct naar het zoekveld
 
Ouderen betrokken bij zorgonderwijs

Zorgstudent ontmoet oudere

‘De ouderenzorg is saai.’ Om dat vooroordeel bij jongeren weg te nemen, betrekken beroepsopleidingen ouderen bij het onderwijs. Tegelijkertijd krijgen ze hierdoor een beter beeld van wat deze doelgroep belangrijk vindt.

Door de vergrijzing neemt de vraag naar zorgverleners in de ouderenzorg toe. Maar jongeren vinden de ouderenzorg niet aantrekkelijk. Ze kiezen liever voor kraam- of jeugdzorg, of complexe ziekenhuiszorg. Voor ‘spannende’ beroepen, zoals ambulancemedewerker, of arts of verpleegkundige op een IC of Spoedeisende Hulp. ‘Jammer’, vindt programmamedewerker bij Vilans Manon Metselaar. ‘Want de ouderenzorg is sterk in beweging; er verandert veel. De doelgroep is wel degelijk heel boeiend, inspirerend, uitdagend en complex.’ Om jongeren te motiveren en het onderwijs te laten aansluiten op behoeften van ouderen, startte in 2013 het tweejarige project ‘Ouderenparticipatie in het onderwijs voor ouderenzorg’. Onlangs is het afgerond. Het project, een onderdeel van het Nationaal Programma Ouderenzorg, werd uitgevoerd door Zorgbelang en Vilans.

Verschillende initiatieven 

Voor het project werden bestaande voorbeelden van ouderenparticipatie verzameld en ter inspiratie online gepubliceerd. Ook werden opleidingen op mbo-, hbo- en wo-niveau gevraagd om in een pilot ouderen te betrekken bij het onderwijs. Acht opleidingen deden mee. Metselaar: ‘Daaruit zijn heel diverse initiatieven voortgekomen. Studenten van de Christelijke Hogeschool Ede nodigden bijvoorbeeld ouderen uit om studenten te helpen bij het oefenen met Easy Care, een vragenlijst die in de regio gebruikt wordt om snel en efficiënt de zorgbehoefte van thuiswonende ouderen in kaart te brengen. Studenten ergotherapie van de Hogeschool van Amsterdam maakten een plan van aanpak voor ouderen met een herseninfarct (CVA), en bij de Haagse Hogeschool dachten ouderen mee bij de ontwikkeling van een nieuw curriculum voor verpleegkundigen.’

De juiste beeldvorming 

Meestal werden ouderen benaderd via regionale Zorgbelangorganisaties, soms dienden ze zichzelf aan. Anjo Geluk (70) is voorzitter van Denktank 60+ Noord. Zij stapte zelf zo’n zes jaar geleden af op het lectoraat innoveren in de ouderenzorg van de Hogeschool Windesheim in Zwolle. Ze vertelt: ‘Aanvankelijk zei het lectoraat: “Wat komen jullie doen?” Wij hebben benadrukt dat ouderen meer dan vroeger betrokken willen blijven bij de samenleving. We werken steeds vaker door na pensionering, zijn langer vitaal, en hechten meer belang aan eigen regie. Ook de samenleving is in beweging: de verzorgingsstaat is veranderd in een participatiesamenleving. Dat heeft gevolgen voor ons, ouderen. Wij moeten veel actiever nadenken over onze toekomst, en verwachten niet meer dat de samenleving voor ons zorgt. Dat is een belangrijk thema voor het onderwijs. Niemand kan onze behoeften en ideeën beter verwoorden dan wijzelf. Daarom laten wij van ons horen.’ 

‘Studenten vonden ouderen helemaal niet zo behoudend als ze dachten’

Inmiddels is de werkgroep van Denktank 60+ Noord – die uit zes ouderen bestaat – niet meer weg te denken bij Hogeschool Windesheim. Geluk: ‘We werken mee aan lessen over keukentafelgesprekken en oefenen casussen met studenten verpleegkunde. Wij zijn betrokken bij de formulering van competenties en jureren bij de stimuleringsprijs voor beloftevolle initiatieven.’ De Denktank is óók opdrachtgever van Hogeschool Windesheim. Geluk: ‘Wij bestuderen relevante onderzoeksrapporten en vragen ons af: wat betekenen de conclusies voor ouderen? Uit die vraag komen weer studieopdrachten voor studenten voort. Het geeft voldoening om een rol te kunnen spelen in het onderwijs, en onze inbreng wordt erg gewaardeerd. Het mes snijdt dus aan twee kanten; beide partijen hebben er baat bij. Onze stem zou overigens nog luider kunnen klinken als meer ouderen zich zouden committeren. Hier is dus werk aan de winkel.’

Wederzijds genoegen

Van een heel andere orde zijn de initiatieven op het Albedacollege in Rotterdam en omstreken. In het kader van het project organiseerde deze school in 2014 een ouderenweek. Zo’n 130 ouderen kwamen met bus, taxi, rollator en rolstoel naar de locatie. Docent Anske de Krom vertelt: ‘Ze kregen voet- en gezichtsmassages, we lunchten gezamenlijk, er was een quiz met studenten, muziek en nog veel meer activiteiten. Studenten waren geïnstrueerd: ze hielpen bij zaken als medicatie en toiletgang en oefenden met steunkousen. De ouderen vonden het zalig. Ondertussen werden wezenlijke thema’s besproken: liefde, gezag, opvoeding, onderwijs. Wederzijds ging er een wereld open. Studenten vonden ouderen helemaal niet zo behoudend als ze dachten. Omgekeerd prefereerden veel ouderen de onbevangen jonge zorgverleners boven de ervaren professionals die soms op routine draaien. Ze konden hun veel leren, en dat gaf een gevoel van zingeving.’

Vast onderdeel

Voorheen oefenden studenten van het Albedacollege in een simulatiesituatie. De docent speelde de bejaarde. Inmiddels spelen ‘echte’ ouderen voor patiënt in de oefenlessen en is ouderenparticipatie een vast onderdeel van de opleiding voor eerstejaars studenten. De Krom: ‘Uit de succesvolle ouderenweek zijn veel meer initiatieven voortgekomen. Ouderen worden ook betrokken bij lessen over levensloop-, voorlichtings- en zorgleefplangesprekken. We hebben een heel bestand van geïnteresseerde ouderen, een deel van hen zijn oud-medewerkers van het Albedacollege. Ook gaan onze tweedejaarsstudenten sinds kort op vrijwilligersstage bij een instelling. Ik ben ervan overtuigd dat het studenten motiveert om voor de ouderenzorg te kiezen. Dat zie je aan het enthousiasme. Ook van de ouderen. Ze vragen bij het afscheid altijd: “Wanneer is het weer?”’ 

Tekst: Riëtte Duynstee
Foto: Marijn van Zanten